Berichten uit de open water race van nummer 304

Zwemmen Peter de Jong

Zaterdag 24 juni werd in Vianen voor de achtste keer de Open Water Zwemwedstrijd gehouden. In deze wedstrijd zwemmen zowel wedstrijdzwemmers als amateurs mee. Hoe is het om in een dergelijk semi-professionele omgeving in het water te liggen? Namens de Utrechtse Sportkrant zwom verslaggever Peter de Jong mee en beschrijft zijn ervaring.

Agenda

Met rood stond de afspraak onderstreept in de agenda: 24 juni OWZ Merwedekanaal. Deze recreatieve baantjeszwemmer gaat op avontuur in het open water. Ik heb me gelijk maar ingeschreven voor de kilometer.

Het is een stukje fietsen van Utrecht naar Vianen, dan wil je daarna ook wel een eindje zwemmen. Of mijn tennisconditie dat toelaat zien we dan wel weer.

De hele week vielen de mussen van het dak en uitgerekend nu regent het. Maar het is niet koud. De route van Utrecht naar Vianen is een aanrader, als stadsmens waan ik mij soms in nagenoeg ongerepte natuur. Met de aantekening dat er een degelijk fietspad doorheen is getrokken. Dat dan weer wel.

 

Ronald Beljaars

Het Open Waterzwemmen Merwedekanaal wordt alweer voor de achtste keer gehouden. Olympische kampioenen als Ferry Weertman en Sharon van Rouwendaal hebben hier ook in het water gelegen, dat spreekt aan.

Er zijn wedstrijden en prestatietochten tussen de 250 meter en de 5 kilometer, schoolslag, vrije slag, voor elk wat wils. OWZ is het kindje van Ronald Beljaars. In 2010 bestond de gemeente Vianen 750 jaar, dus organiseerde Roland een zwemfestijn in het Vianese Merwedekanaal.

Sindsdien is het evenement gegroeid.

Dit jaar wordt er voor het eerst een waterpolotoernooi in het kanaal gehouden, er is stoepkrijten voor de kinderen en een wijn- en bierproeverij. Leuk voor de deelnemers en nieuwsgierige inwoners van Vianen. En een knappe prestatie met een budget van krap 6000 euro.

‘Ja, dat kan alleen maar dankzij de sponsors die we hebben. Dit jaar hebben we 350 deelnemers aan de zwemwedstrijden, 100 meer dan vorig jaar. De organisatie bestaat uit zeven man en op de dag zelf lopen er hier 100 vrijwilligers rond, van omroeper tot koffieverkoper.

De veiligheid is natuurlijk heel belangrijk, vorige week was er nog een dodelijk ongeluk in het water bij een survivalrun in Venlo. Reddingsbrigade IJsselstein en de duikers van Polar Bears houden de zwemmers nauwlettend in de gaten.

 

KNZB

De wedstrijd in het Merwedekanaal maakt deel uit van de Open water cyclus van de KNZB. De zwemmers kunnen hier punten verdienen voor het openwaterklassement. Ze komen vandaag uit het hele land, van Stadskanaal tot Kerkrade.

Een deel daarvan betreft een fanatieke groep buitenzwemmers die in de zomer door heel het land trekt en elkaar bestrijdt in allerlei waterpartijen. Er is niet alleen jeugd en de getrainde twintigers, ook zijn er wedstrijden tot wel 70 plus.

Buitenzwemmers zijn bikkels, dat is wel duidelijk. Iedereen loopt hier ruim voor de wedstrijd doodgemoedereerd nakend, op een zwembroek/pak na, door de regen. Op weg naar de voorstart, waar de instructies worden gegeven en de wedstrijdnummers op de arm worden gestift.

 

En dan het water in

In eerdere wedstrijden zie ik iedereen flink doortrekken met de borstcrawl. Dat is voor mij niet aan de orde. In het zwembad wissel ik na 50 meter crawl, alweer snel af met de schoolslag. Een oude hernia, buikje en ademtekort belet me eerlijk gezegd langer te crawlen.

Dan wordt bij de start nummer 304 op mijn arm gestift (stoer!) en kennelijk heb ik even niet opgelet want ineens liggen mijn medezwemmers het water en gaan er vandoor in de crawl.

Ik informeer voor de zekerheid of ik er ook in kan (‘ja hoor, springt u maar’) en in het water moet ik mijn brilletje ook nog eens opzetten. De anderen zijn dan al bijna uit het zicht. Op zich prettig, dat voorkomt een slijtageslag.

Een kilometer zwemmen haal ik wel, maar de eerste tien minuten zijn om los te komen. Het water is aangenaam, schoon en niet te warm. Met een kwieke schoolslag baan ik mij door het water, ondertussen fantaserend over de snoek en de baars die onder mij zwemmen en zich afvragen of ze dit unidentified swimming object zullen verschalken.

Na zo’n 400 meter haal ik toch nog iemand in. Dat is goed voor het zelfvertrouwen. Ik stoom op naar het keerpunt, een paarse boei. Ach, het valt eigenlijk wel mee! Ik speur naar andere zwemmers die ik op het tweede stuk zou kunnen inhalen. Helaas, in de verte alleen nog wat maaiende armen.

Foto: Jan Kruijdenberg / Utrechtse Sportkrant

Deel twee

De spieren zijn inmiddels warm, de luchtpijp gelooid, dus twee tempootjes hoger. Op circa 150 meter van de finish gooi ik dan toch maar de crawl eruit. Toen ik omkeek, zag ik ineens de ingehaalde zwemmer mij naderen, in crawl. Alles wat ik in me heb, gooi ik eruit.

Publiek en officials zijn nietsvermoedend over deze battle of the weakest. Het loopt goed af. Net voor de aanstormende rodelantaarndrager tik ik het finishbord aan. (Later bleek deze man toch een ander, het was de winnaar van de volgende race, de 500 meter NK Ambtenaren).

Uit het water even stoer onder de koude straatdouches en dan omkleden in de tent. Zonder stoeltjes, want buitenzwemmers zijn bikkels. Daarna neem ik nog even een kijkje bij het waterpoloveld achter het zwemparcours.

 

Waterpolo

Foto: Jan Kruijdenberg / Utrechtse Sportkrant

Paul Stravers en zijn team hebben een toernooi met vijf teams georganiseerd. ‘We doen het voor het eerst dit jaar, iedereen is enthousiast dus volgend jaar weer’. De titel ging naar Go Swim uit Houten.

Sterspeler Robbin van Kilsdonk heeft ervan genoten. Is het niet een nadeel dat je bij waterpolo in het kanaal niet goed kunt zien of iemand onder water een overtreding maakt?

‘Alleen maar een voordeel, dan kun je mekaar goed vastpakken haha. Ik heb de krassen op mijn rug staan! Nee, het gaat er sportief aan toe, maar het is wel hard. Daar staat waterpolo ook om bekend.’

Foto: Jimi B. Goode / Utrechtse Sportkrant

Bij de prijsuitreiking staat mijn vermoede tegenstander op het schavot bij de ceremonie van het NK Ambtenaren. Marcel Reefhuis (35) is de naam. Risicoanalist gevaarlijke stoffen bij de brandweer in Twente. Zwemt bij WS Twente in Hengelo, traint vijf keer per week, en 1 keer krachttraining. Hij doet mee aan het reizende circus van de openwatercompetitie: het senioren vrije slagklassement en de Masters 35 plus.

Aan hem de vraag of de openwaterzwemmer een ander type is dan de binnenvariant. ‘Er is een drempel voor de binnenzwemmers om naar buiten te gaan. Het aantal buitenzwemmers is dan ook een stuk kleiner.

De meesten hier zijn diehards met uithoudingsvermogen, die tegen de kou kunnen. Hier zwem je ook een echte race, man tegen man. Bij een drukke start wil iedereen zijn eigen plek pakken en dan is het duwen en trekken. De meesten hier kom ik overal tegen, we gaan van wedstrijd naar wedstrijd.’

Dan is het tijd om te gaan. De vrijwilligers breken de tenten af, de hijskraan tilt straks de pontons uit het water. Mooie wedstrijd. Ik zet koers naar Utrecht. In de regen. Dat dan weer wel.