Herman Schouten

‘Je ziet je bal vliegen, als een gedicht zo mooi’

Golf Verhaal van een sporter: mijn sport Marie te Marvelde

Herman Schouten werd geboren in 1939 in het Twentse Oldenzaal. Hij is het zevende kind in een gezin met 8 kinderen; drie meisjes en vijf jongens. Zijn vader was docent klassieke talen, zijn moeder bestierde het huishouden in het kinderrijke gezin.

Schouten is gepensioneerd docent geschiedenis en gepassioneerd golfer. ‘Ik zal een jaar of acht geweest zijn, in ieder geval na de Tweede Wereldoorlog, toen we naar Bussum in het Gooi verhuisden. Mijn eerste herinnering aan sport was dat mijn oudste broer mij schaatsen leerde.

Soms gingen we naar de ijsbaan, maar meestal werden de ijzers ondergebonden bij slootjes in de buurt of bij de waterpartij bij het plantsoen ‘de kom van Bieghel’ waar arts en schrijver Frederik van Eeden gewoond heeft. Van hem zijn de beroemde regels: ík heb de  witte waterlelie lief’. De witte waterlelies zaten diep onder het bevroren ijs verborgen terwijl de kleine Herman er zijn baantje trok.

Bij mooi weer speelde hij slagbal met vriendjes op straat. En tijdens zijn middelbare schooltijd tenniste hij regelmatig. ‘Mijn moeder vond sport erg belangrijk voor haar kinderen. Toen ik een jaar of dertien was stierf mijn vader. Mijn oudste broer werd mijn toeziend voogd. Op school hing ik een beetje de clown uit. Toen ik in de vijfde klas van het gymnasium zat besloot hij mij, vanwege mijn niet ijverige houding en slechte schoolresultaten van school te halen. Ik moest gaan werken bij een chemische fabriek in Naarden.Mijn moeder vond het maar
niets.

Uiteindelijk is het allemaal goed gekomen. Ik heb alsnog staatsexamen gymnasium gedaan en ben in Utrecht geschiedenis gaan studeren. Sloot me aan bij een studentenvereniging en kwam in contact met judo. Na het judoën smaakte een biertje tien keer zo lekker.’

Hij ontmoet zijn vrouw Annamarie in Woerden. Waar ze tegenover elkaar staan tijdens een partijtje tafeltennis. Pas in Utrecht waar ze vlak bij elkaar blijken te wonen slaat de vonk over. Ze trouwen. Krijgen twee kinderen waar ze vaak mee zwemmen en zeilen. ‘Dat zeilen had ik al gedaan in mijn jonge jaren in Bussum. De kinderen vonden het heerlijk om op en aan het water vakantie te vieren. Mijn broer had een platbodem in Culemborg waar we vaak te vinden waren.’

Toen Herman in 2003 met pensioen ging besloten zijn vrouw en hij om een sport te zoeken, die ze samen leuk vonden en konden  beoefenen. Via een achterbuurvrouw en haar enthousiaste verhalen over golf kwamen ze in aanraking met die sport. ‘AnnaMarie en ik zijn eens een kijkje gaan nemen bij Golfpark de Biltse Duinen en hebben er les genomen. Als je het genoeg onder de knie hebt krijg je baanpermissie en mag je een partijtje spelen. Het is een fantastisch gevoel als je een door jouw geslagen bal een vlucht ziet maken. Als een gedicht gelijk zo mooi. Van nature heb ik een goede swing. Mijn handicap is 36. Een beginneling heeft een handicap van 55 en Tiger Woods een handicap van 0 om een beetje een idee te geven hoe dat werkt.’

Hermans vrouw moest een aantal jaren terug helaas opgenomen worden in een verpleegtehuis. Zelf is hij nog twee keer per week op
de golfbaan de vinden. Ook doet hij regelmatig aan wedstrijden mee. Golf is een sport die qua geschiedenis ook uitstekend aansluit bij een historicus.

De oudste vermelding van een golfwedstrijd dateert van 1297. De partij werd gespeeld om de moord op Floris V, graaf van Holland en Zeeland te herdenken. En driehonderd jaar later maakte zeevaarder en ontdekkingsreiziger Willem Barentsz. in zijn logboek, tijdens zijn overwintering op Nova Zembla, gewag van een partijtje golf onder zijn bemanningsleden.