Sportman genomineerd voor Sportprijs Utrecht 2017

Overig nieuws Redactie / Pim van Esschoten / VSU

De nominaties voor de Sportprijs Utrecht 2017 zijn bekend. De komende dagen publiceren we een nieuwe groep genomineerden. Vandaag zijn de mannen aan de beurt. Lees hier meer over Jesse Puts (zwemmen), Wilco Kelderman (wielrennen) en Sander de Wijn (hockey).

De bijlage van de Utrechtse Sportkrant van 26 januari is geheel besteed aan de genomineerde Utrechtse sportman, sportvrouw, sporttalent, sportploeg, sportcoach, sportvereniging en sportvrijwilliger van het jaar. Deze bijlage is tot stand gekomen in samenwerking met de VSU.

Stemmen op de Talenten kan tot 7 februari op https://sportprijs-utrecht.nl/stempagina/.

 


‘Sprint is een momentopname en je hebt één kans.’

Jesse Puts houdt geloof in hoge doelen

 

Foto: Kees-Jan Overbeeke

Hij voelt zich er eigenlijk een beetje ongemakkelijk bij. Jesse Puts (23) kende immers een minder seizoen en is evengoed opnieuw genomineerd voor de Sportprijs Utrecht. Als wereldkampioen 50 meter vrij (kortebaan) werd hij een jaar geleden ook uitgeroepen tot sportman van het jaar in zijn stad Utrecht. Afgelopen jaar ging het juist minder op de titeltoernooien.

Er waren weliswaar zeges tijdens de Swim Cup in Eindhoven en Den Haag. Internationaal was hij ook succesvol bij estafettes in Eindhoven en Berlijn. En eind december pakte hij nog twee nationale titels. In zijn beleving zijn dat echter wedstrijden ‘waar je het niet echt voor doet’.

De WK langebaan in Boedapest, afgelopen zomer, hadden het hoogtepunt moet zijn. ‘Ik was goed in vorm, zwom ook goed in de estafette. Maar in de serie 50 vrij maakte ik een paar foutjes. En dan lig je eruit. Zo’n sprint is een momentopname. Je hebt één kans. Toen ik in Windsor wereldkampioen werd, won ik met een paar honderdsten van een seconde. Hetzelfde verschil waarmee ik er nu uitlag. Zo werkt het nu eenmaal op de sprint en dat maakt het ook zo leuk.’

Ook in Kopenhagen tijdens de EK kortebaan, werd het niks. ‘Ik was gewoon niet in de goede vorm.’

Jesse Puts eindigde 2017 enkele illusies armer, maar het plezier bleef. ‘Soms zijn er diepe dalen, maar dan denk ik weer aan die twee doelen. Ik wil nog steeds de eerste zwemmer ooit zijn die onder de 20 seconden op de 50 meter vrije slag duikt. Het kan nog even duren, maar dat gaat me zeker lukken. En Olympisch goud op dezelfde afstand.’ Daarom ook besloot hij eind december Aquarijn en trainer Herman van den Berg na drie jaar in te ruilen voor het Nationaal Trainingscentrum (Amsterdam) en Mark Faber. ‘Ik wil stappen blijven maken.’

 

 


‘Het jaar 2017 heeft me een boost gegeven.’

Wilco Kelderman heeft de smaak te pakken

 

Foto: Team Sunweb

De grote belofte was een beetje blijven steken in z’n ontwikkeling. Wilco Kelderman (26) kende twee mindere jaren. En veel valpartijen. ‘Maar 2017 heeft me een boost gegeven,’ zegt hij.

Het was zijn eerste jaar bij Team Subweb. ‘Het is soms goed om van ploeg te veranderen. Ik heb mooie, leuke jaren gehad bij Lotto-Jumbo. Daar lag het niet aan. Maar als je zevende eindigt in de Giro (2014) verwacht je meer van jezelf. Het is een valkuil. Je traint misschien net iets harder, bent nóg meer met voeding bezig. Soms is het allemaal net iets te veel voor je lichaam. Daar leer je ook van. Je leert je lichaam goed kennen.’

Hij is nu wijzer, rijper. ‘En bij Sunweb is het ook allemaal strak geregeld, supergoed gestructureerd.’ Maar tegen een rare motorrijder in de Giro die aan het einde van een bocht plots stilstaat, is geen kruid gewassen. Kelderman smakte hard tegen het asfalt en zag thuis vanaf de bank hoe ploeggenoot Tom Dumoulin de roze trui naar Milaan reed.

Zijn herstel duurde lang en de ambities voor de Vuelta waren dan ook bescheiden. ‘Ergens tussen plek vijf en tien zou al mooi zijn, dacht ik. Die vierde plaats had ik niet verwacht.’ Hij leek zelfs op weg naar het podium in Madrid. Tot op die gruwelijke Angliru, de laatste berg in drie weken koers, de benen verzuurden. ‘Daarom was er even de teleurstelling.’ Daar was hij snel overheen. ‘Dit smaakt naar meer.’

Nieuwe hoogtepunten volgden snel. Met Subweb werd hij wereldkampioen in de ploegentijdrit (‘supergaaf, met een ploeg van jonge, goeie kleppers’) en in de individuele tijdrit werd hij zevende, slechts dertien seconden van het brons. Last but not least werd hij met De Volharding clubkampioen van Nederland (‘altijd een leuke wedstrijd’).

Het blijft wielrennen. Het jaar eindigde voor Wilco Kelderman met een massale valpartij, tijdens de Tour of Guangxi. ‘Ik heb nog lang last van gehad van die snee in mijn arm.’

 

 


Sander werd uitgeroepen tot de beste speler van de play-offs.

Sander de Wijn vindt in Mumbai plezier terug

 

Foto: Roel Ubels

Hij pakte de landstitel met Kampong en werd met Oranje Europees kampioen. Dat prachtige jaar voor Sander de Wijn (27) begon in januari echter met een verloren finale van de Hockey India League. Toch vond hij bij team Dabang Mumbai het plezier in hockey terug. ‘De Spelen in Rio waren een grote teleurstelling. Je wilt er top zijn en komt zonder medaille terug. Die klap is een half seizoen blijven hangen.’

In Mumbai speelde hij met clubgenoten Robbert Kemperman en David Harte. ‘Een leuk team. We hebben veel lol gehad en dat zorgde weer voor plezier in het veld. Waanzinnige tijd.’ Het was de inleiding voor een beresterke tweede helft in de hoofdklasse. Als een veldheer. Niet voor niets werd hij bij hockey.nl uitgeroepen tot de beste speler van de play-offs. ‘Al sinds ik in 2008 naar Kampong kwam was de landstitel mijn doel. Het hoogtepunt van het jaar, zeker omdat we een ploeg hebben met vooral Nederlandse jongens en veel spelers uit onze jeugdopleiding. Beleid, waar ik zelf bij betrokken ben geweest.’

Op de EK tekende hij met Robbert Kemperman voor het mooiste doelpunt. België had Nederland in de poule al vernederd (5-0) en leidde in de finale tussen dezelfde opponenten met 2-0. Het was stil in het bomvolle Wagenaar Stadion. En toen zag De Wijn zijn maatje vrij staan in de cirkel. Zijn scoop was perfect, Kemperman’s aanname en afwerken wonderschoon. Het deed zelfs een beetje denken aan Frank de Boer en Dennis Bergkamp. Kwartfinale WK 1998, winnende goal tegen Argentinië. ‘Mooie vergelijking, die had ik nog niet gehoord. We doen het vaker. Ik de assist, Robbert de afmaker. Het lukte weer, maar nu voor 12.000 mensen. Dat je de wedstrijd zo omkeert en wint met 4-2, geeft natuurlijk een extra lading aan zo’n doelpunt.’