Sportvrijwilliger genomineerd voor Sportprijs Utrecht 2017

Overig nieuws Redactie / Pim van Esschoten / VSU

De nominaties voor de Sportprijs Utrecht 2017 zijn bekend. De komende dagen publiceren we deze genomineerden en vandaag zijn de vrijwilligers aan de beurt. Lees hier meer over Jan Westerhuis (DVSU) en Iris van Maurik (volleybal).

De bijlage van de Utrechtse Sportkrant van 26 januari is geheel besteed aan de genomineerde Utrechtse sportman, sportvrouw, sporttalent, sportploeg, sportcoach, sportvereniging en sportvrijwilliger van het jaar.

Stemmen op de Vrijwilligers kan tot 7 februari op https://sportprijs-utrecht.nl/stempagina/.

 


‘Ik kan mijn G-Voetbalteam geen week missen.’

Het plezier van Ome Jan Westerhuis (80)

 

Foto: DVSU

Plezier. Als Jan Westerhuis (80) praat over de voetballers van Forza Friends DVSU valt dat woord keer op keer. Zoals hij het aangeeft ligt het niveau van het G-voetbal ‘misschien dan ónder het gras, het plezier zit ver boven ons hoofd.’

Al zeker vijftien jaar is hij elke zaterdagochtend op het sportpark in Lunetten te vinden en begeleidt hij zijn voetballers, van klein tot groot. De grootste lol van hun ‘Ome Jan’? ‘Als zij plezier hebben, heb ik plezier. Niks moet, alles mag. Het plezier staat bovenaan.’

‘Soms zijn we veel beter dan de tegenstander en staan we met heel veel tegen nul voor. Dan vraag ik of iemand expres hands kan maken. Krijgt de tegenstander een penalty en kunnen ze ook een doelpunt maken. Dan komen ze naar me toe en vragen: ‘Deed ik het goed, Ome Jan?’ Mooi toch? Het plezier bij het andere team is ook belangrijk.’

Jan Westerhuis (80) gaat al bijna zeventig jaar mee in de Utrechtse sport. Hij schaatste nog met Henk van der Grift (‘ik heb Fries bloed in mijn aderen’), deed aan zwemmen en waterpolo bij Zwemlust en ging op z’n twaalfde voetballen bij Velox, kreeg nog training van Piet Kraak en was reserve achter Gert Bals in het eerste elftal. ‘Ik ben altijd doelman geweest. Ook toen ik later ging handballen bij Attila.’

Op z’n vijftigste ging hij weer voetballen en werd hij jeugdtrainer. Zijn G-voetballers kan hij geen week missen. ‘Jaren geleden was ik ziek en moest een paar weken verstek laten gaan. Verschrikkelijk. Zodra het kon ging ik met de scootmobiel weer naar het veld om te kijken.’

Om hem te eren draagt het jaarlijks toernooi voor G-voetballers bij DVSU zijn naam. Hoe lang hij nog denkt door te gaan? ‘Nou ja,’ zegt Ome Jan, ‘ik heb gehoord dat ik nog een contract tot 2033 heb.’

 


Spelverdeler in het veld en verbinder in het bestuur

Iris van Maurik zoekt de verbinding

 

Het behoeft voor haar geen nadruk. Maar Iris van Maurik (31) van VV Utrecht kan er ook niet omheen dat het opvalt. Ze is voorzitter van een bestuur met veel twintigers van wie bovendien vijf van de zeven vrouw zijn. ‘Daarover komen ook wel vragen uit volleyballand. Hoe we dat toch doen?’

Een aantal jaar terug was ze (als enige vrouw) bestuurslid, met verbinding in portefeuille. ‘Een belangrijk thema, zeker sinds we een jaar of vier geleden zijn gegroeid naar nu zo’n 650 leden en die mogen niet verloren gaan in de massa, zeker omdat we niet één plek hebben waar alles samenkomt. We trainen in Galgenwaard, in Nieuw Welgelegen en nog wat zaaltjes elders in de stad.’

VV Utrecht kent buddyteams waarbij bijvoorbeeld het eerste team is gekoppeld aan de mini’s. Van Maurik: ‘En we hebben onze vrijwilligersactie. Je móet als team punten halen met vrijwilligerswerk. Dat zorgt voor een ranking en het team dat onderaan staat moet de minder leuke klusjes doen. Zaalwacht, bijvoorbeeld.’Het aantal vrijwilligers groeide zo naar 250. De club kent ook een wachtlijst ‘van hier tot Tokio’, 300 alles bij elkaar. Alleen bij de jeugd niet. ‘Dat is toch een beetje de maatschappelijke taak die je als vereniging hebt.’

In het veld is Van Maurik de spelverdeler, in het bestuur de verbinder tussen de verschillende bestuursleden. Een sterke organisator en plannenmaker bovendien. ‘We hebben de ambitie om op termijn naar de Eredivisie te promoveren. Dat vraagt veel. De leden willen het. Ik ook, maar niet ten koste van de rest van de club. Top en breedte moeten duurzaam samen kunnen gaan. We zijn aan het uitzoeken wat ons staat te wachten.’

Behalve de wachtlijst, is ook de wensenlijst lang bij VV Utrecht. Hoog genoteerd staat de eigen huisvesting, waarover het bestuur onder Van Maurik nadenkt. Goed voor de wachtlijst. En goed voor de binding onder de leden, uiteraard.