Veenendaalse Marjolein Delno genoot van ambiance op WK

Zwemmen Peter de Jong

Een medaille heeft ze niet gewonnen, maar dat viel ook niet te verwachten. Marjolein Delno maakte haar debuut op de WK zwemmen. En ze genoot. ‘De ambiance was hier geweldig.’ Een terugblik op de wereldkampioenschappen in Budapest met de 23-jarige goedlachse Veenendaalse, die Oranje vertegenwoordigde op de estafette 200 meter vrij (7e in de finale) en op de 200 meter wisselslag individueel (26e).

Ze neemt in zwempak plaats op de interviewstoel. Op zich opmerkelijk, want ze is uitgezwommen op het WK. Maar nadat ze deze ochtend heeft uitgeslapen (een delicatesse in het topzwemmen) wilde ze toch weer even het water in. Ook omdat vriend Maarten Brzoskowski zo dadelijk in actie komt op de 4 x 200m vrij en ze daarom sowieso al naar het zwembad zou gaan.

Delno is geboren in Amerongen en al snel verhuisd naar Veenendaal. Ze komt uit een zwemfamilie. Vader Harry is een voormalig jeugdtopzwemmer, nu trainer bij VZC in Veenendaal en ook haar broer Tom (17) zwemt, niet geheel toevallig ook bij hetzelfde VZC. Dochter Marjolein heeft het wisselslagvirus van pa geërfd. Met hem deed ze wedstrijdje wie de meeste gouden medailles heeft. Hoe de stand nu is, weet ze niet meer, ze is gestopt met tellen. Enigszins verontschuldigend voegt ze eraan toe dat je als wisselslagzwemmer goed mee kan komen op verschillende slagen en daardoor snel in de medailles zwemt. Misschien een tip voor de materialisten onder de zwemmers…

Op school ging Marjolein Delno naar het vwo, de eerste vier jaar. Maar toen ze bleef zitten schakelde ze over naar de havo. Ze was toch al van plan om fysiotherapie te gaan studeren en dat kan ook met havo. Ze zit nu in het laatste jaar van die studie.

 

Laatbloeier

Haar topsportcarrière nam een aanvang in 2010 toen zij op een EJK de wisselslag zwom. Daarna heeft het ‘even’ geduurd voordat ze echt kwam bovendrijven, om precies te zijn zeven jaar. ‘Ik ben een laatbloeier. Sinds dit jaar heb ik mijn focus veranderd. Ik trainde al die jaren op de wisselslag. Maar sinds dit jaar train ik ook op de 200 vrij.

Op de Swimcup vorig jaar zwom ik ineens anderhalve seconde onder mijn pr. Dat biedt kansen voor de 200, met name de estafette. Ik ben voor dit toernooi geselecteerd voor de estafette 200 vrij, de 200 wisselslag heb ik er als het ware bijgedaan. Daar heb ik een pr gezwommen van 2.15.05 en daar ben ik blij mee’.

Wisselslagzwemmers zijn alleskunners. Maar hebben gek genoeg niet veel statuur binnen het topzwemmen. Specialiseren is de norm. ‘Je moet alle slagen beheersen. Het leuke aan de wisselslag is dat het zoveel verschillende aspecten heeft. Iedere slag heeft zijn eigen bijzonderheden. De rugslag is bij mij het minst. De top versnelt in de haal boven water, ik doe dat voornamelijk met de onderwaterhaal. Daar werken we aan. School en borstcrawl zijn mijn sterkere slagen’.

Op de wisselslag ontbreekt het in Nederland aan topzwemmers. Het lijkt de kortste weg voor Delno om naar de grote kampioenschappen uitgezonden te worden, maar daar wil ze toch niet aan. ‘Ik heb dat een tijd geprobeerd, maar zonder resultaat. Ik richt me nu echt op de 200 vrij.’

 

Fijne vereniging

Inmiddels woont ze al 5 jaar in Eindhoven. Heeft ze nog iets met Veenendaal? ‘Jazeker. Ik kom er nog steeds graag. Mijn familie woont er, ik ben er gelukkig opgegroeid. En ik zwem ook nog steeds de competitie voor VZC. Een hele fijne vereniging. Ze steunen me nu ik op het WK sta, heel leuk. Ik geniet ook enorm van dit WK, mijn eerste grote internationale toernooi. De finale 200 vrij estafette van gisteren was een prachtige ervaring.’

In de ochtenduren was de spanning het grootst bij de Nederlandse ploeg. ‘Er moesten twee teams afvallen en daar wilden wij natuurlijk niet bij zijn. De concurrentie was stevig, dus we wisten dat we hard moesten zwemmen. Wanneer je dan de finale hebt gehaald valt er iets van je af en dan sta je er gewoon echt. ’s Avonds zwommen we nog iets harder, ik ook. Ik zwom als laatste zodat ik nog even rond kon kijken en genieten van de geweldige ambiance hier. Dat was heel cool’.