‘Begeleiding ziek kind stopt niet bij pilletje’

Atletiek Peter de Jong

In aanloop naar de Utrecht Science Park Marathon van 19 maart belicht de Utrechtse Sportkrant, mediapartner van het evenement, diverse aspecten van de loop. In deze aflevering aandacht voor de Wilhelmina Kinderziekenhuis Kidsrun. Karin den Balvert (Hoogstraat Sport) en Janjaap van der Net (WKZ) zijn de gesprekpartners.

Wist u dat? De WKZ Kidsrun staat ook open voor kinderen met een handicap. Twee bevlogen professionals willen met hun organisatie kinderen met een beperking aan het sporten krijgen. ‘Om ze zo weerbaarder te maken in de maatschappij.’

Karin den Balvert, leidinggevende bij revalidatiecentrum Hoogstraat Sport, en Janjaap van der Net, hoofd van het kinderbewegingscentrum van het Wilhelmina Kinderziekenhuis (WKZ), gaan ervoor om met zoveel mogelijk van ‘hun’ kinderen mee te doen aan de kidsrun.

De stormachtige middag begint met een bezoek aan het revalidatiecentrum, waar Den Balvert (45), oud-tophandbalster,

Karin den Balvert ziet kinderen graag sporten in De Hoogstraat: ‘De enige voorwaarde die we stellen, is dat je in staat moet zijn om contact te maken.’

de scepter zwaait bij de afdeling Hoogstraat Sport. Met gepaste trots leidt zij ons rond door het sportcentrum en het aanpalende zwembad. ‘Wij bieden sport in de ruimste zin van het woord aan aan de revaliderende mens. Sporttherapeuten werken hier met de mensen die hier verblijven, dan wel poliklinisch worden behandeld. Daarnaast bieden we aan mensen die uit behandeling zijn, maar voor wie de stap naar de reguliere sport er nog een te ver is, de mogelijkheid hier wekelijks te sporten. Momenteel maken daar circa 400 mensen per week gebruik van.‘

Daarnaast werd september vorig jaar de vereniging Only Friends opgericht, voor het sportende kind met een beperking. Den Balvert: ‘Wij bieden deze kinderen tussen de 6 en 18 jaar – die veelal niet bij sportclubs terecht kunnen – de mogelijkheid om elke zaterdag te sporten in de sporthal van De Hoogstraat (Utrecht-Oost nabij het Wilhelminapark), aan de hand van de vrijwilligers.

Dat kunnen kinderen zijn met lichamelijke of verstandelijke beperkingen, maar ook kinderen met een gedragsprobleem. Het gaat allemaal door elkaar. De enige voorwaarde die we stellen is dat je in staat moet zijn om contact te maken. Wij zeggen tegen de kinderen: kom nou maar gewoon, je bent goed genoeg zoals je bent. Presteren is niet belangrijk, veel meer het plezier in het bewegen.’

Op dit moment sporten er zo’n 25 kinderen bij Only Friends. ‘Wij gaan ons nu voor het eerst laten zien aan de buitenwereld, we doen voor het eerst mee aan de WKZ Kidsrun’, aldus Den Balvert. ‘Heel spannend, want het zijn kwetsbare kinderen. Dus wij als begeleiders gaan op de Kidsrun gewoon meelopen of -rollen met de kinderen.’

 

Janjaap van der Net: ‘Het zou verschrikkelijk zijn als we allemaal verwende ‘Trumpjes’ worden, die het woord ‘nee’ niet kennen.’

Even later bussen we naar café Buurten in de Fabriek aan het Merwedekanaal, waar Janjaap van der Net (61, fietser, roeier) reeds plaats heeft genomen achter een verse café latte. Van der Net en zijn team van het Kinderbewegingscentrum, jeugdartsen, bewegingstherapeuten, maar ook maatschappelijk werkers, psychologen en pedagogen zorgen ervoor dat het kind met een chronische ziekte of een beperking zich kan ontwikkelen in de breedste zin van het woord.

‘Alle kinderen die in het WKZ zijn opgenomen kunnen twee keer per week deelnemen aan sportactiviteiten, buiten of binnen. Je moet ook kunnen sporten als je in het ziekenhuis bent.’

‘Wij hebben een programma ontwikkeld – WKZ Sportief – dat kinderen met een sportwens helpt hun ambitie waar te maken. Het begon als een goed doel van de Tour de France die in 2015 in Utrecht startte. We hebben toen circa 435.000 euro opgehaald.

WKZ Sportief start wanneer het kind wordt opgenomen in het WKZ en aangeeft te willen deelnemen aan sportactiviteiten. Onder leiding van een jeugdarts van de gemeente Utrecht en een inspanningsfysioloog wordt gekeken wat het kind mankeert en wat het kan en wil met sport. Dan geven we advies aan kind en ouders. Dit advies wordt ook doorgespeeld naar de combinatiefunctionaris Sport van de gemeente Utrecht, die werkt samen met de jeugdarts in de woonwijk en gaat kijken bij welke vereniging het kind terecht zou kunnen.’

Kinderen die in het ziekenhuis zijn opgenomen zijn misschien nog niet klaar om te gaan sporten, maar ze kunnen wel spierkracht en hernieuwd vertrouwen opbouwen in het sportief bewegen. Sport is een belangrijke ‘tool’ in de opvoeding en helpt het leren omgaan met tegenslag, met de grilligheid van een ziekte. Veerkracht is een van de belangrijkste dingen die je iemand mee kunt geven in het leven en via sport kunnen kinderen zich dit eigen maken.

Dat je niet bang bent om te vallen, bijvoorbeeld. Van der Net:

‘Wij zien kinderen in het WKZ van wie de ouders hun kind van zes jaar nog met zijwieltjes laten fietsen, want ja hij zou kunnen vallen. Zweten is voor sommige kinderen iets onplezierigs dat ze liever vermijden. Of kinderen die tijdens de gym aan de kant gaan zitten omdat ze hun hart in de keel voelen kloppen en daar ongerust over zijn.

We leven tegenwoordig in een ‘over-beschermende’ samenleving, waar bijna niet meer gevallen wordt. De samenleving heeft daarom behoefte aan een nieuw setje kaders. Je leeft om te ontdekken, om moe te worden, om te vallen en weer op te staan. Tegenwoordig mag er ook niet meer gefaald worden, iedereen moet altijd succesvol zijn.’

Je werk als therapeut is pas af als het kind met een chronische ziekte of een beperking zich op een vaardige manier door het leven kan bewegen, vindt Van der Net. ‘Daarom doen wij als WKZ ook mee aan de Kidsrun. Het stopt niet bij het maken van sterkere spieren. Hulpverleners in de gezondheidszorg zijn vaak al tevreden als een ziek kind weer naar school gaat. Dat is niet genoeg, dat is nog steeds een kleine sociale actieradius. Je moet het kind weer plezier in bewegen geven en kansen deel te nemen aan sport en aan een ‘inclusieve’ samenleving.

Alle kinderen met een chronische aandoening of ziekte helpen op een plek terecht te komen waar ze graag zijn als het gaat om sport. Dat is het doel van Van der Net: ‘Elke sportclub heeft een jeugdafdeling, maar niet voor kinderen die niet meekunnen. WKZ Sportief is bijvoorbeeld ook voor kinderen met psychiatrische ziekten, een angst- of agressiestoornis. Om ook deze kinderen in een team op te nemen, dat is moeilijk. We kennen allemaal de verhalen van spelertjes met het korte lontje die het geweld op de sportvelden brengen. Dit kan kinderen met een psychiatrisch probleem ook overkomen en wanneer we daar niet verstandig mee omgaan, staan zij per definitie aan de kant in onze samenleving.’

Als Utrecht een inclusieve samenleving wil zijn, dan moet er naast een sportcentrum voor gehandicapten ook ruimte geboden worden bij de reguliere sportclubs voor sportieve kinderen die niet honderd procent gezond zijn.

WKZ Sportief is eigenlijk gestoeld op deze gedachte van een inclusieve samenleving. De begeleiding van het zieke kind stopt niet bij een pilletje of een prothese, nee, pas als het terugmeldt dat het gelukkig is op de plek waar het samenleeft.’

Er zijn ook mooie initiatieven in Utrecht, aldus Van der Net. ‘Laatst was ik bij tennisvereniging Domstad, dat WKZ sportief in 2016 als goed doel had aangewezen, om een cheque in ontvangst te nemen. Dan blijken daar gewoon trainers te zijn die het fantastisch vinden om kinderen met bijvoorbeeld een Downsyndroom mee te nemen op de tennisbaan. Roeivereniging Viking heeft roeien voor blinden. Kampong doet aan G-hockey. Bij Den Hommel kunnen kinderen met een beperking zwemmen. Het kan wél en het gaat ook de goede kant uit. Als iemand meer wil weten wat er allemaal is te doen op sportgebied voor mensen met een beperking, kijk dan even op de website ‘Utrecht sport op maat’.’

Hoe komt Van der Net zo bevlogen? ‘Ik heb gewoon iets met kinderen en met bewegen. Wij zijn gemaakt om te bewegen. Tegenwoordig gebeurt dat steeds minder. Ons dna is nog in grote mate hetzelfde als 50.000 jaar geleden. Toen bewogen we ons de gehele dag voort op de savannes. We renden achter dieren aan om ze uit te putten en te vangen. Het brein van zo’n rennende jager in de oudheid produceerde endorfines, die hem een prettig gevoel gaven zodat hij bleef gaan. Dat effect beleven we tegenwoordig ook nog steeds bij het sporten.’

We leven tegenwoordig in een ‘zittende’ samenleving, dat past slecht bij de bewegende mens die we in wezen nog steeds zijn, dit gaat op voor jong en oud. Van der Net: ‘Onderzoek leert dat als je met dementerenden gaat wandelen, de dementie afneemt. En ook dat als je met iemand met een psychose gaat rennen, de symptomen van de psychose verminderen.

Ik zie dagelijks dat bewegen kinderen goed doet. Het brengt ze ook bij andere kinderen, in contact met nieuwe situaties, leren winnen en verliezen. Kinderen die nooit aan een ‘challenge’ zijn blootgesteld, die zijn opgegroeid in een sterk beschermende omgeving missen de kans om veerkracht op te bouwen in het leven. Het zou verschrikkelijk zijn als we allemaal verwende ‘Trumpjes’ worden, die het woord ‘nee’ niet kennen.

 


Wil je dit artikel nog eens rustig op papier nalezen? Bestel deze editie!