Copier en Evers sieren de ruggen van ijshockeyfans

IJshockey Robert Jan van der Horst

Samen op de foto? Geen probleem. Gebroederlijk slaan ze op enig moment zelfs de armen over elkaars schouder. Hoewel de één (Kenji van der Meer) fan is van Den Haag, en de ander (Hennie Grondhuis) supporter van Heerenveen. IJshockey is tenslotte geen voetbal waar de zogenaamde aanhangers elkaar soms de tent uit knokken en met enige regelmaat vuurwerk in de stadions afsteken.

Grondhuis en Van der Meer troffen elkaar zondag bij de organisatorisch perfect en in goede harmonie verlopen finale om het Nederlands kampioenschap ijshockey dat op neutraal terrein – in Utrecht – werd verspeeld. De Vechtsebanen was het decor van een opwindende wedstrijd die voor ruim duizend toeschouwers met 4-3 werd gewonnen door Den Haag, dat vorige week zondag ook al tegen Heerenveen voor eigen publiek de beker won. Er viel geen wanklank tijdens de finale om het landskampioenschap, de zogenaamde Final Four, die ook de komende jaren in de Domstad wordt gespeeld.

Het aardige gegeven wil dat zowel Grondhuis als Van der Meer supporter is van een Utrechtse ijshockeyer. Grondhuis (woonachtig in De Meern) is het van Wessel Copier, de nummer 15 van Heerenveen. ‘Ik volg het ijshockey al jaren en in een ver verleden heb ik het zelf gespeeld. John Copier, de vader van Wessel, is mijn neef. Toen John nog in het eerste team van IJCU Dragons speelde, kwam ik al kijken. En nu gaan we, als het enigszins kan, naar de wedstrijden van Heerenveen. Meestal gaat mijn vrouw ook mee. En dit shirt heb ik begin dit seizoen gewoon bij Heerenveen besteld.’ IJshockey stroomt overigens bij de familie Copier als bloed door de aderen. Want (groot)vader Joop – eveneens aanwezig – was in de kampioensjaren van IJCU (1991 en 1992) materiaalman.

Justin Evers (derde van rechts) viert de overwinning met champagne.

De dubbelslag van Den Haag doet een glunderende Kenji van der Meer zichtbaar goed. Hij staat bij de bench na afloop zijn favoriete speler met een brede glimlach op te wachten. Kenji is met zijn ouders naar De Vechtsbanen gekomen om Den Haag en in het bijzonder Justin Evers, de nummer 14 van de ploeg uit de Hofstad, aan te moedigen. Net als Copier komt ook Evers uit Utrecht.

Vanaf het moment dat Evers eind 2019 zijn schaatsen op het ijs zette van het Haagse sportcomplex De Uithof, was het liefde op het eerste gezicht, wat Kenji betreft. ‘Hij was direct mijn favoriet. Het is een goede aanvaller en hij is gewoon goed in alles. Het shirt, met zijn naam achterop, heb ik gekocht op een veiling. Het is het uit-shirt van twee jaar geleden. Justin is een heel aardige jongen. Ik was gisteren jarig, ik werd 12, en toen stuurde hij een app-je om me te feliciteren. Nou, dat vond ik prachtig.’

Kenji van der Meer denkt dat hij altijd fan zal blijven van Evers, die tot 2023 onder contract staat bij Den Haag. Maar is dat ook zo als Evers ooit voor een andere club gaat spelen? Het overtuigende ‘ja’ laat niets te raden over. ‘Maar misschien ga ik dan niet meer elke week.’ Wie zijn nummer 1 is? Dat staat niet alleen op zijn rug, maar ook nog eens op zijn rode cap: Justin Evers. Er is geen twijfel mogelijk.