Energie slurpen tijdens lange inspanningen

Podcast en video Redactie

De renners in de Tour de France zijn bijna halverwege en hun verbrandingsmotor loopt al anderhalve week op volle toeren. Wielrenners verbruiken dan ook bakken met energie tijdens de drie weken die de Tour duurt en moeten flink bijeten om op gewicht te blijven. Maar wat als je veel langer door moet, hoe krijg je dan je energie binnen? In de 25ste aflevering van de Slimmer Presteren podcast praten presentatoren Gerrit en Jurgen over de energiepuzzel waar een atleet mee te maken krijgt wanneer hij wekenlang aan het rennen of fietsen is.

Opgeven door te weinig energie binnen te krijgen overkomt de beste atleten. Tijdens zijn eerste poging in 2018 om de Elfstedentocht zwemmend te volbrengen moest Maarten van der Weijden na 55 uur opgeven en dat kwam voornamelijk omdat hij onvoldoende eten en drinken naar binnen wist te werken. Dit lukt de meeste wielrenners tijdens de Tour tegenwoordig meestal wel, met dank aan een uitgekiende voedingsstrategie en een slimme voedselapp die ervoor zorgt dat de verbruikte energie tijdens het fietsen heel strak weer aangevuld wordt. Het dagelijks energieverbruik tijdens de Tour ligt op ruim 7500 kilocalorieën, zo laat wetenschappelijk onderzoek zien. Renners in een grote wielerronde opereren daarmee op een niveau van lichamelijke activiteit dat bijna 4,5 keer hoger ligt dan hun rustmetabolisme (BMR). In vergelijking met andere sporten (voetbal: 2,2 x BMR; langeafstandlopen: 2,0 – 2,3 x BMR; alpinisme: 2,2 – 2,5 BMR; roeien: 2,8 x BMR) is het fietsen van een grote ronde daarmee een inspanning met een behoorlijk hoog energieverbruik.

Maar het kan nog hoger: bij deelnemers aan de Ironman op Hawaii bijvoorbeeld werd een energieverbruik van 9,4 keer het rustmetabolisme gemeten. Triatleten hebben echter wel het geluk dat ze deze zware inspanning niet weken aan één stuk hoeven te leveren. Dat moesten de twee mannen die in 1997 de Zuidpool over een afstand van 2300 kilometer wilden doorkruisen met elk een joekels zware slee (222 kilogram aan het begin van de trip) achter zich wél. De twee waren in totaal 95 dagen onderweg. Ze gingen diep en hun energieverbruik was navenant: tussen dag 20 en 30 werden waarden van zelfs meer dan zes keer hun rustmetabolisme gemeten. Uiteindelijk viel tegen dit torenhoge energieverbruik niet op te eten. De twee verloren een kwart van hun lichaamsgewicht en moesten hun expeditie staken. Het laat zien dat er een grens is aan de hoeveelheid energie die mensen dag in dag uit kunnen verbruiken tijdens langdurige inspanning.

 

Podcast

Sinds februari is de Slimmer Presteren Podcast ‘in de lucht’, een initiatief van amateurtriatleet Gerrit Heijkoop en wetenschapsjournalist Jurgen van Teeffelen. Wekelijks verschijnt een nieuwe aflevering waarin steeds een ander onderwerp wordt belicht: enerzijds vanuit het perspectief van de topsport als dé ultieme broedplaats voor vernieuwingen, anderzijds vanuit de recreantensport om antwoord te krijgen op de vraag: ‘wat kan een amateursporter hiermee?’ Want een nieuw ‘wonderdrankje’ of ‘supersonische hardloopschoen’ mag dan interessant voor de professionele sporter lijken, betekent dit ook dat ze zinvol voor de recreant zijn? Ook schuift er regelmatig een ‘special guest’ in de podcast aan, een sporter met een bijzonder verhaal. Net als op de bekende podcast-kanalen en op YouTube, zijn alle afleveringen te vinden op slimmer-presteren-podcast.nl.