Europese titel Puck Pieterse, brons voor Lars van der Haar

Veldrijden Redactie

Puck Pieterse is in eigen land Europees kampioen veldrijden geworden bij de belofte-vrouwen. De 18-jarige Amersfoortse gaf daarmee meteen haar visitekaartje af in deze categorie. Ook vorig jaar had ze de titel bemachtigd maar bij de junior-vrouwen. Op het WK begin dit jaar moest Pieterse nog buigen voor landgenote Shirin van Anrooij die in Rosmalen zichzelf opblies. Bij de elitemannen knokte Lars van der Haar zich naar het brons.

Wie de uitslag bij de belofte-vrouwen in ogenschouw neemt ziet achter vijf van de eerste zes namen een Nederlandse nationaliteit staan. Het was aan de ene kant illustratief voor de matige bezetting met iets meer dan twintig deelneemsters, onder wie geen meiden uit België die overigens toch geen prominente rol gespeeld zouden hebben. Want Nederland heerst in de cyclocross op alle fronten, althans voor wat betreft de vrouwen. Zaterdag was er al een compleet Oranje podium bij de elites en de talenten deden daar nauwelijks voor onder. Alleen de Hongaarse Kata Blanka Vas wurmde zich tussen de Nederlandse vrouwen en pakte het zilver.

Pieterse begon rustig. Ze gunde het haar rivale Van Anrooij om als een raket te vertrekken. Die bleek haar krachten overschat te hebben en viel terug. Later ging Pieterse er zelf vandoor en pakte een tiental seconden voorsprong. Vas kwam nog wel dichterbij, maar had op de streep nog altijd een achterstand van 8 seconden. Het brons was voor Manon Bakker. Van Anrooij eindigde als vijfde, nog achter Aniek van Alphen. Met de zege van Pieterse sleepte haar ploeg Alpecin-Fenix een tweede hoofdprijs in  de wacht, na het goud zaterdag van Ceylin Alvarado bij de elitevrouwen.

Glunderend stond Pieterse op het podium. Ze had zonder druk kunnen rijden, vertelde de Amersfoortse die op het EK mountainbiken nog brons had gewonnen bij de junior-vrouwen. In Rosmalen had ze het verschil kunnen maken op de slingerende paden in het bos.

 

Lars van der Haar

Lars van der Haar was bij absentie van Mathieu van der Poel de belangrijkste Nederlandse troef bij de mannelijke profs. ‘Het is een heel snel parcours. De bochten zijn zo lopend, zo vloeiend dat het in de kleine foutjes zal zitten. Op een hele goede dag zal ik mee kunnen doen om de titel,’ schatte hij vooraf zijn kansen in. Al reed hij zonder meer sterk, zo’n goede dag werd het niet. Dat kwam voor een deel door de start waar de tengere Woudenberger in het gedrang kwam te zitten. Normaal is Van der Haar als een van de snelsten weg, nu moest hij veel crossers voor zich dulden. Na de eerste ronde kwam hij als tiende door op acht seconden van de koploper. Dat was een Belg zoals de eerste zes allemaal Belgen waren.

Van der Haar rukte later wat op na een val van een Spanjaard in het zand, maar inmiddels waren Eli Iserbyt en Michael Vanthourenhout gevlogen. De twee ploeggenoten werkten goed samen. Van der Haar probeerde het in de achtervolging, sprong ook over de balken, een techniek waar hij van de zomer flink op getraind had. Maar de Belgen in zijn wiel waren als een loden last voor de terriër uit Woudenberg en het lukte hem niet het gat met de twee koplopers te verkleinen. Tot Laurens Sweeck van fiets wisselde. Ineens had Van der Haar een gaatje en lag hij op koers voor brons. Hij joeg nog wel op Vanthourenhout die Iserbyt had moeten laten gaan, maar kwam nimmer in de buurt. Met 22 seconden achterstand was de bronzen medaille een terechte beloning voor een goede race.