Handhaven in meesterklasse wordt hele opgave voor Utrechtse BCO

Bridge Redactie

Bridgeclub Oog in Al moet het laatste weekend van oktober aan de bak. Voor de Utrechtse vereniging begint dan de meesterklasse, het hoogste niveau in Nederland. Omdat de meeste tegenstanders gesponsorde teams zijn met verschillende bridgeprofs in de gelederen zal BCO er een fikse kluif aan hebben om zich te handhaven.

Dat lukte vorig seizoen middels een beslissingswedstrijd tegen Crash uit Leiden en dat was een prestatie van formaat. Ook in de nieuwe viertallencompetitie is BCO een van de weinige clubteams. De Utrechters spelen steeds in wisselende samenstelling. De drie paren, Wubbo de Boer-Agnes Snellers, Rob van den Bergh-Ricardo Westerbeek en Tom van Overbeeke-Ernst Wackwitz, rouleren telkens. De tegenstanders zijn drie teams van ’t Onstein uit Vorden (in ’t Onstein-1 speelt Simon de Wijs uit Doorn en in het tweede team Tim Verbeek uit Driebergen) en twee teams van Het Witte Huis uit Amsterdam. Het Witte Huis-1 is de regerend landskampioen. Verder wordt gestreden tegen BC’70 uit Eindhoven, de Lombard uit Rotterdam, Theseus uit Tilburg en Nijmegen.

De competitie omvat drie weekends, waarin zes wedstrijden worden gespeeld. De beste vier gaan door naar de halve finale, de overige teams belanden in een degradatiepoule.

In de eerste divisie zitten 24 teams, waaronder Star-1 en Star-2 uit Utrecht, en BCO-2. Bij HOK speelt Utrechter Kees Bakker. Het Amersfoortse de Vriendenkring, de laatste jaren een beetje bivakkerend tussen de meesterklasse en de eerste divisie, degradeerde naar de tweede divisie.