‘In 2021 bestaan we 61 jaar, dan vieren we dat toch?’

Voetbal Robert Jan van der Horst

Sport Is Vreugde En Ontspanning. Vaak wel, maar nu even niet. De corona-maatregelen laten zich namelijk ook in Zegveld voelen, misschien dat die nog wel harder aankomen in een jubileumjaar? ‘In 2021 bestaan we 61 jaar, dan vieren we dat toch?’ s.v. SIVEO ’60-voorzitter Eric van den Hoeven (52) doet er verder niet moeilijk over. Op 22 juni van dit jaar bestond ‘zijn’ Zegveldse club zestig jaar. De jubileumcommissie had zijn werk al gedaan; er lag, toen corona de kop opstak medio maart, een mooie feestweek in het verschiet. Het mocht echter niet zo zijn.

‘Toen de eerste maatregelen tegen het virus werden afgekondigd, hebben we de festiviteiten direct een jaar doorgeschoven. We hadden al vrij snel het idee dat het niets zou worden voor dit jaar.’

En de zaterdag 4e klasser B (district West II) lijkt daarmee een voortuitziende blik te hebben gehad, gezien de duur van de maatregelen. Toch zegt Van den Hoeven: ‘Nu maar hopen dat de geplande feestweek van volgend jaar door kan gaan. Die staat nu van 19 tot en met 26 juni op het programma. Het draaiboek ligt klaar, met een slag om de arm vanwege de onzekerheid of het in 2021 wel door kan gaan.’

 

Koeken

Toch, laat Van den Hoeven zich ontvallen, is er wel íets gedaan om het twaalfde lustrum niet ongemerkt voorbij te laten gaan. De plaatselijke bakkerij De Leeuw had 500 koeken met het logo van SIVEO erop gebakken. Die werden dezelfde dag nog huis-aan-huis verspreid van Zegveld tot Oudewater en zelfs tot in Leimuiden. Een ware krachtsinspanning, niet alleen van bakker De Leeuw, maar ook van de vrijwilligers om alles op 22 juni 2020 bezorgd te krijgen.

Het zegt iets over de spankracht van de vereniging die zo’n 375 leden telt. ‘SIVEO is gewoon een oergezellige dorpsclub’, aldus Van den Hoeven. ‘Het scheelt natuurlijk ook dat er niet veel andere sporten zijn in Zegveld. Bij ons komt veel samen. Daardoor hebben we ook een belangrijke sociale functie. En dat is wat onze seniorenvoetballers in deze periode toch wel missen. Niet alleen het met elkaar voetballen, maar ook de zo belangrijke derde helft in de kantine. We hopen dat we er ongeschonden door komen. En natuurlijk komt er minder geld binnen. Maar bedrijven die momenteel over de kop gaan, dat is veel erger dan een voetbalclub die misschien een beetje in de problemen komt.’

 

Derby

Waar preses Van den Hoeven geen zorgen over heeft, is de indeling voor dit seizoen. Tenminste waar het de hoofdmacht aangaat. ‘We kunnen zowat overal met de fiets naar toe.’ Tegenstanders als VEP, Woerden, VV Sportief, VV Linschoten en buurman VV Kamerik. De laatste club is op amper drie kilometer verwijderd van sportpark De Beemd en zou op 7 november j.l. tegenstander zijn van s.v. SIVEO ’60. Het mag dus niet zo zijn.

Hoewel op steenworp afstand, leeft de wedstrijd tegen Kamerik niet zo. Van den Hoeven: ‘Dat komt, denk ik, omdat we in het verleden in een ander district speelden en met de eerste elftallen tot in de beginjaren 2000 nooit tegen elkaar uitkwamen. We zijn van oudsher niet op Woerden en Kamerik georiënteerd. Wel heb ik begrepen, dat toen we voor de eerste keer tegen elkaar moesten, supporters van Kamerik bij ons de doelpalen blauw-wit, hun clubkleuren, hadden geschilderd. Nee, dat heeft ons niet verleid tot tegenacties. Ik vind dat het origineel moet blijven, je elkaar niet moet gaan na-apen. Bovendien, het kost geld. Want die verf moet ook weer verwijderd worden.’

 

Woerden

Traditioneel heeft SIVEO meer met VV Sportief – eveneens opgericht in 1960 – uit Woerdense Verlaat, daar waar Sport Is Vreugde En Ontspanning, bij gebrek aan een speelveld, onderdak kreeg direct na de oprichting. Beide clubs gaan overigens samenwerken om met elkaars jeugdleden diverse elftallen te completeren. Hoe mooi in een jubileumjaar.

Met Kamerik heeft s.v. SIVEO ’60 weer heel wat anders gemeen. Van den Hoeven: ‘We komen er graag, een heel vriendelijke club. En hoewel zowel Kamerik als Zegveld tot de gemeente Woerden behoort, proberen we toch een beetje vast te houden aan onze autonomie. En dan zeggen we: nee, we komen niet uit Woerden, maar uit Zegveld of Kamerik. Daar hou ik van.’