Jeugdtrainers VVU krijgen professionele begeleiding

Volleybal Ted Vermeulen

Volleybalvereniging Utrecht (VVU) is met 54 teams de grootste volleybalvereniging van Utrecht, staat in de top vijf van de grootste volleybalverenigingen van Nederland en heeft met bijna 250 jeugdleden tevens een van de grootste jeugdafdelingen. Onder leiding van een ambitieus bestuur heeft VVU het doel om in de toekomst de topteams voor een groot deel uit de eigen opleiding te vullen.

Het eerste vrouwenteam is op dit moment het vlaggenschip van de vereniging en speelt in de Topdivisie. Het team heeft de ambitie om naar de Eredivisie te promoveren. Het eerste mannenteam speelt een klasse lager in de 1e divisie en wil graag naar hetzelfde niveau als de vrouwen.

Om vanuit de jeugd aansluiting te vinden bij de VVU-topteams zijn in de jeugdopleiding grote stappen gezet. Zo is men gestart met het professionaliseren van de trainersbegeleiding en benaderde daarvoor volleybalgoeroe Casper Groenhuijzen.

Groenhuijzen was onder meer trainer van verschillende Eredivisieteams (mannen en vrouwen, bondscoach bij Beach Team Nederland (van onder meer Schuil en Nummerdor in hun toptijd) en hij heeft zitting in de coachescommissie van de Europese bond. In Amstelveen heeft hij het succesvolle Volleybalinstituut VIA (Volleybal Instituut Amstelveen) en de Volleybalacademie voor talenten opgezet.

Bij VVU gaat Groenhuijzen alle trainers van de meisjesteams bij VVU begeleiden als onderdeel van een pilot van de Nevobo om technisch kader bij clubs te professionaliseren. De Nevobo faciliteert deze verenigingen, zodat die het bespaarde geld bijvoorbeeld uit kunnen geven aan een betere vergoeding voor de clubtrainers.

Groenhuijzen vervult deze rol, in dienst van de Nevobo, ook bij Irene (Bilthoven) en Cito (Zeist). ‘Ik coördineer de begeleiding van de coaches. Een nuttige en mooie investering van de Nevobo, want je kunt spreken van een win-win situatie.’

 

Professionalisering

Zoals veel sportclubs draait ook VVU grotendeels op vrijwilligers. Om de trainers te helpen betere trainingen te verzorgen, is ruim twee seizoenen geleden met oud-international Yannick van Harskamp een begeleidingsprogramma gestart, onder meer met een aantal train-de-trainersessies van bondscoach Gijs Ronnes. Vorig seizoen gaf topcoach Appie Krijnsen ook een viertal clinics.

Voor dit seizoen zijn naast Groenhuijzen ook Uberto Bel en Anne Meijnderts gecontracteerd. De laatste startte afgelopen december nog als professional bij de mini’s.

Toptrainers Casper Groenhuijzen, Anne Meijnderts en Uberto Bel gaan onder meer de technische lijnen uitzetten en de jeugdtrainers begeleiden. Foto: Jos van Hout/VVU

Groenhuijzen: ‘We werken nauw samen met de Technische Commissies van de vereniging. Ons doel is om door de gehele vereniging op alle niveaus hetzelfde systeem te spelen. Dus vanaf de leeftijdsgroep, waar het speelse er een beetje vanaf is tot aan de vertegenwoordigende standaardteams. Daarvoor is het nodig dat alle clubcoaches op één lijn zitten. Om dat ideaal te bereiken moet je toch wel in een aantal jaren rekenen. We begeleiden iedere clubcoach op ieder niveau individueel. We doen dat niet klassikaal, heb ik vroeger wel gedaan, maar dat stuit op logistieke problemen en bovendien werkt een individuele begeleiding beter, omdat je te maken krijgt met clubtrainers, die al een beginnersdiploma op zak hebben en pas beginnende trainers. Individueel kan je naar behoefte bijsturen en coachen.’

 

Volleybalschool

Daarnaast gaat Groenhuijzen als trainer meedraaien in de UVolley Volleybalschool waar de deelnemers op 24 zondagen training krijgen van ervaren trainers. Per periode van vier weken wordt de nadruk gelegd op één of twee facetten van het volleybal, zoals opslag, pass, set-up, aanval en achterveldverdediging. De deelnemers leren dingen waarvan ze nog niet weten dat ze het al konden (sprong-setup, sprongserve, duiken, rollen), waardoor ze grote stappen in hun technische ontwikkeling maken. De feedback is individueel gericht. De pijlers waarop de trainingen zijn gebaseerd zijn: balvaardigheid, coördinatie, snelheid van bewegen, snelheid van beslissen, omgaan met weerstand. Er wordt in groepen getraind waarbij eerst naar de kwaliteit van de speler wordt gekeken in plaats van naar geboortejaar en geslacht. De groepen kunnen ook wisselen om doelgericht specifieke vaardigheden te trainen. Als extra stimulans wordt regelmatig een experttraining verzorgd door iemand die op dat gebied zijn of haar sporen ruimschoots verdiend heeft.

 

Iedereen welkom

Groenhuijzen: ‘Ja, dat is een prachtig project. Die zondagen zijn in sportcentrum Galgenwaard van elf tot één uur. Iedereen van ieder volleybalniveau is welkom. Je moet natuurlijk wel een beetje idee hebben wat de sport inhoudt en het is prettig als je een bepaald doel voor ogen hebt. Maar in principe is iedereen welkom. De volleybalschool is een initiatief van VVU en wordt ook door die vereniging gefaciliteerd, maar treedt onafhankelijk naar buiten, zodat talenten niet automatisch naar VVU gaan. Als dat gebeurt, dan trek je het niveau in de provincie scheef. Topalenten uit bijvoorbeeld Bilthoven en Zeist moeten na de school kunnen uitkomen voor clubs van hun keuze. De toegang tot de volleybalsport moet wel laagdrempelig blijven. Zo biedt VVU daar een ander prachtig initiatief. Op de maandagavond is er een speciale training onder de naam ‘basic skills’. Daar ben je welkom als je wilt gaan volleyballen en je hebt het nog nooit gedaan. In dat geval worden alle basiselementen van het spel bijgebracht, hetgeen de instroming bij teams gemakkelijker maakt. Het is voor een team dat een redelijk balletje speelt niet leuk, als daar iemand bij komt die nog moet beginnen. En dat is wederzijds trouwens.’

Het nieuws over de professionalisering bij VVU heeft zich in trainerskringen al verspreid en er mede toe geleid dat VVU een groot aantal ambitieuze jeugdtrainers van buitenaf mocht verwelkomen. Alle toplijnteams worden getraind door gekwalificeerde trainers, die over het algemeen zelf ook in de hogere competities gespeeld hebben. Naast deze nieuwe trainers is er ook groot enthousiasme vanuit de club en volleyballende ouders om jeugdteams te trainen. In totaal zijn er bij de 21 jeugdteams dit seizoen maar liefst 54 jeugdtrainers actief.