Jubilerend vv Woudenberg: ‘Més que un club’

Voetbal Robert Jan van der Horst

Voetbalvereniging Woudenberg vergelijken met de Spaanse grootmacht FC Barcelona? Het klinkt een beetje baldadig. Toch meent Bart Radstaake (57) elk woord van wat hij zegt. Weliswaar met een knipoog, maar toch. Het Catalaanse motto ‘Més que un club’ – ‘Meer dan een club’ – is immers ook van toepassing op de jubilerende zaterdagclub, weet Radstaake. Zestig jaar bestond vv Woudenberg op 17 augustus van dit jaar. Een voetbalvereniging die voornamelijk drijft op vrijwilligers en met zo’n duizend leden een belangrijke functie heeft in het ruim 13.000 inwoners tellende dorp.

‘Van die leden zijn er zo’n 350 vrijwilliger. Dat zegt natuurlijk wel iets over de plaats die vv Woudenberg inneemt’, aldus Radstaake. ‘Bovendien is er in ons clubhuis onder meer een buitenschoolse opvang gehuisvest, is er plaats voor een zangclub, wordt er jaarlijks door vv Woudenberg een regionaal hoog aangeschreven hardloopwedstrijd georganiseerd en zijn er zumba-lessen. Activiteiten die niets met voetbal te maken hebben.’

Radstaake is dus één van die vrijwilligers. Toen hij tien jaar oud was, verhuisde het gezin van Winterswijk naar Woudenberg. ‘Ik ben toen direct lid geworden van Woudenberg en 47 jaar later ben ik dat nog.’ Hij was talentvol, kon aardig voetballen, maar een blessure maakte op 20-jarige leeftijd een einde aan zijn aspiraties. ‘Ik doorliep in de jeugd alle selectieteams en als je dan op enig moment vanwege de lichamelijke gebreken moet kiezen tussen sport of een maatschappelijke carrière, dan komt dat hard aan. Ik heb nog wel een individuele sport geprobeerd, maar ik miste toch vooral het teamgebeuren; het met elkaar bezig zijn.’

 

Jonge club

Terug naar vv Woudenberg, dat toch zeker niet tot de oudsten van Nederland – de eerste voetbalwedstrijd werd in 1865 georganiseerd – mag worden gerekend. In tegendeel. Met z’n zestig jaar is Woudenberg een relatief jonge club. Werd er dan voor 1961 helemaal niet gevoetbald in het dorp waar de Utrechtse Heuvelrug en de Gelderse Vallei samen komen?

‘Jawel’, verzekert Radstaake die bij Woudenberg onder meer het archief ordent en voor de website historische verhalen schrijft. ‘Volgens de archieven werd er zelfs al in 1921 in Woudenberg gevoetbald. Later was er ook een club onder de naam Woudenberg, maar juist toen die in 1956 aan de vooravond stond van het 25-jarig jubileum, hield deze op te bestaan. De reden? Geen velden. Maar, er zullen wellicht ook  niet zo veel leden zijn geweest. Anders stop je niet.’

Een voetbalwedstrijd tussen ambtenaren en ondernemers in het werklustige dorp stond waarschijnlijk aan de basis van de oprichting van het huidige vv Woudenberg, denkt Radstaake. ‘Maar het klopt dat er tussen 1956 en 1961 dus geen voetbalclub is geweest en zou je kunnen zeggen dat het huidige vv Woudenberg een doorstart is van eerdere initiatieven.’

 

Archief

Radstaake zegt geen officiële functie te bekleden bij vv Woudenberg, maar doet genoeg voor zijn club waar diens zoon Mark in het eerste elftal speelt. ‘Ik heb ook wel eens een paar jaar niets gedaan, hoor.’ Toch is hij druk met zijn geliefde vereniging. En toen er het bericht ging dat ‘er ergens zooi was opgeslagen’, werd de projectleider van een ingenieursbureau gevraagd of ‘hij de zaak eens wilde uitzoeken’. Aan dat verzoek voldeed Radstaake. ‘Ik heb toen tegen de voorzitter gezegd dat we daar iets mee moesten en het moesten bewaren voor de toekomst.’

Later kreeg hij weer contact, zo gaat dat in een kleinere gemeenschap, met Ingrid Kurvers. ‘Ik heb met haar in de klas gezeten’. Haar vader Joop en moeder El(ly) Kurvers bleken ware archivarissen. Meer dan honderd plakboeken kwamen van hun zolder tevoorschijn. En zo is Radstaake aan het ordenen geslagen. Tegelijkertijd doet hij vanaf 17 augustus 2020 met een maandelijkse bijdrage op de website van de club aan geschiedschrijving. ‘Ik vind het leuk om terug te gaan in de tijd en als alle materiaal geordend is zullen we het in kasten kunnen bewaren.  Iedereen die er belangstelling voor heeft, krijgt dan de mogelijkheid om de boeken over de geschiedenis van vv Woudenbarg in te zien.’

 

Vrijwilligers

Gemeenschapszin is een groot goed voor en een toepasselijk woord op Woudenberg. Op de vraag of de inzet van de vele vrijwilligers symptomatisch is voor vv Woudenberg, antwoordt Radstaake beslist. ‘Nee, ik denk dat het kenmerkend is voor de gemeente Woudenberg. Of je nu de kerkgenootschappen, de tennisclub of de korfbalvereniging neemt, bij alle sociale activiteiten hier zijn vele vrijwilligers actief. Hoe dat komt? Geen idee. Ik heb van mijn ouders geleerd me in te zetten voor anderen of voor organisaties en dat probeer ik mijn kinderen ook bij te brengen. Misschien dat het helpt als je zelf het goede voorbeeld geeft.’

De vele vrijwillige activiteiten van de leden bleven in het verleden overigens niet alleen beperkt tot het dorp Woudenberg. Rond 2005 hadden de voetbalsters van Woudenberg een uitwisseling met vrouwen uit Kenia. Radstaake: ‘Zo’n trip was overigens alleen voorbehouden aan vrouwen die zich in het eigen Afrikaanse land hadden ingezet in en voor de townships,’ weet Radstaake nog. ‘Die uitwisseling, geïnitieerd door oud voorzitter Henk van de Wetering jr., heeft zo’n vijf jaar geduurd.’

Woudenberg is ook met een delegatie naar Kenia geweest. ‘Dat heeft toen veel indruk gemaakt. Wij waren onder de indruk hoe zij leefden, en dat was omgekeerd ook zo. Hoe wíj leefden, over ónze welvaart. Eén van die vrouwen zei bij het vertrek uit Nederland: ‘You might have the clocks and the watches, but we have the time.’ Vrij vertaald in dezen: hoe goed we het ook hebben in het westen, tijd kunnen we niet kopen. ‘Die woorden hebben een onuitwisbare indruk achtergelaten.’

 

Doelgroep elftal

Het valt allemaal op te tekenen in het historische overzicht van Radstaake op de website. Ook de belevenissen van het ‘chauffeurselftal’ komen aan bod. Gezien het grote aantal transportbedrijven was een team voor een specifieke ‘doelgroep’ geen onlogische aanvulling op de diversiteit in het ledenbestand en het aantal teams van de zaterdagclub. Maar de vraag was altijd wel of de mannen compleet aan de aftrap konden verschijnen.

Want, zeg nou eerlijk: een open brug, een lekke band of een file, het kon allemaal voor oponthoud en dus afwezigheid zorgen. Pas als vijf minuten voor tijd tien man aanwezig waren, kon er met een gerust hart worden omgekleed. ‘Immers een paar minuten voor de aftrap kwam steevast Jan Grootendorst het veld op, snel omkleden, de dagopbrengst van de veehandel tussen scheenbeen en scheenbeschermer, de veters strak en we konden beginnen.’

 

Mijmering

‘Lang geleden toen de doelpalen nog vierkant en van hout waren, alle velden nog van echt gras en deze werden gescheiden door groene hagen’, mijmert Radstaake in de tweede aflevering van zijn geschiedschrijving op de website van vv Woudenberg. Het doet een hang naar het verleden vermoeden, in de sfeer van het klassiek geworden nummer ‘Het Dorp’ van Wim Sonneveld. Het roept een zekere nostalgie op. Maar niets is minder waar. De accommodatie – sinds 1987 geprivatiseerd – voldoet aan alle eisen van de tijd. Sportpark ‘De Grift’, waar ook korfbalvereniging Woudenberg een plek heeft, ligt er piekfijn bij met de verhoogde plint waardoor beide clubs een fraai uitzicht hebben op hun eerste veld.

Kenmerkend voor saamhorigheid en de continuïteit vindt Radstaake tevens dat de club in zestig jaar slechts acht voorzitters (Michel van Raaij is de huidige) heeft versleten. En kijkend naar de toekomst? Ook dan is Bart Radstaake beslist, zoals hij dat eerder ook was. ‘Midden in de maatschappij blijven staan.’

Kortom: ‘Més que un club’