Kolder

Column Pim van Esschoten 'Eindsignaal'

Je zou ook kunnen zeggen dat Koningsdag dit jaar op Eerste Paasdag viel. Zomaar. Het was druk, vol en gezellig, het was lekker weer en vrijwel de hele familie was meegekomen. 'Wat een mafkees,' zei één van hen. Alsof de koning zich had verleiden tot een wedstrijdje toiletpot gooien. Deed 'ie wel vaker immers. Omdat de vele, vele superlatieven die langs kwamen ná die laatste kilometers en de krankzinnige zege van Mathieu van der Poel amper in de buurt kwamen van de zotte werkelijkheid, hou ik het op toiletpot gooien.

Pim van Esschoten

Die had het wel gezien na dat urenlang cadieren en keren door het Limburgse land. ‘Kom, laten we iets leuks gaan doen,’ had hij besloten.

De ontknoping van de Amstel Gold Race was absurd, om te lachen. Tot je dat staatje zag van de snelheden van Van der Poel in die laatste drie (vlakke) kilometers. Vér boven de 50 km/u, de laatste kilometer zelfs in 64.

Ineens dwaalden de gedachten af naar Lars van der Haar. De renner van De Volharding was lang een topper in het veldrijden. Afgelopen winter behoorde hij tot de figuranten of ploeteraars. Bespottelijk gemaakt. Hoe zal hij voor de buis hebben gezeten, op Eerste Paasdag? ‘Voelen die wegrenners ook eens hoe het is om met die Van der Poel te koersen.’

Zou Julian Alaphilippe woensdag in die laatste helse meters naar de top van De Muur van Huy en wéér met Jakob Fuglsang in de slag om de winst, niet even hebben gedacht, dat die dekselse Van der Poel toch niet… Nee, hij deed echt niet mee.

In Nederland zijn we goed in de ontwikkeling van jong talent. Of het nu bij de bonden gebeurt, op Papendal onder de hoede van NOC*NSF of in de jeugdopleiding van Ajax, dat maakt niet uit. Want dat is ook nog zo wonderlijk; die opzienbarende verschijning van Koning Mathieu in het peloton der wegrenners valt samen met de Europese zegetocht van het jonge spul van Ajax. Voor beide erupties geldt dat het dwars tegen alle logica ingaat.

En toch valt ook Mathieu van der Poel weer buiten dat alles. Bóven dat alles. In zijn geval kan alle verzamelde kennis over talentontwikkeling zo de open haard in. Hij spot met alle regels die er bestaan voor de stappen die jong talent moet maken. Hij slaat die stappen niet eens over, ze bestaan gewoon niet voor hem.

Zoals hij zelf niet echt bestaat. Mathieu van der Poel is gewoon een kolderiek verzinsel van Godfried Bomans.