Koopman

Column Pim van Esschoten 'Eindsignaal'

Ingeklemd tussen een bouwvakker en een theoloog zag ik op 6 juni 1985 de bekerfinale tussen FC Utrecht en Helmond Sport. De spanning was om te snijden, het lukte de elf van Nol de Ruiter maar niet om de underdog uit de eerste divisie over de knie te leggen.

Die spanning kwam er bij de bouwvakker luid vloekend uit, negentig minuten lang. De theoloog suste en hield hoop op de goede afloop.

Pim van Esschoten

In de blessuretijd kwam het pas goed. Hoge voorzet Frans Adelaar, kopbal John van Loen. De theoloog en de bouwvakker vlogen elkaar in de armen. Nog net niet huilend van geluk.

Dat dansje, die kopbal en de rol van Theo Aalbers zijn blijven hangen in de herinnering. ‘Een sterk staaltje koopmanschap’ kopte het Utrechts Nieuwsblad de volgende dag. De voorzitter van FC Utrecht ritselde het zo dat Helmond Sport ermee akkoord ging dat de finale op de KNVB-beker in Galgenwaard werd gespeeld. En dus niet op neutraal terrein, zoals toen nog gebruikelijk. Uiteraard in ruil voor het delen in de recette.

Vorige week overleed Theo Aalbers, 79 jaar oud. Een bankdirecteur die de taal van supporters sprak, kom daar tegenwoordig maar eens om. Aalbers bracht als voorzitter (1984-1993) de club financieel in rustiger vaarwater na de doldrieste jaren van zwart geld onder Cees Werkhoven.

Toch was het ook onder Aalbers geen oase van rust aan de boorden van de Krommerijn. Het is immers nooit rustig rond Galgenwaard. Trammelant, onenigheid en vijfde colonnes zitten FC Utrecht in het DNA. Je krijgt dan ook bijna argwaan dat er onder Frans van Seumeren zo’n rust is.

In de tijd onder Aalbers stroomde de club vol met Utrechts talent. Wouters, Kruys, Adelaar, Willy Carbo, Rob de Wit. Als het niet lukte met mooi voetbal, als het publiek stil bleef, ging Ben Rietveld zich warmlopen. Zodra de spits – type stormram – zich ging opmaken om in te vallen, veerde het publiek op. Wat vervolgens weer oversloeg op het veld. Op de vraag of hij Rietveld wel eens uit de dug out stuurde om leven in de brouwerij te krijgen, zei trainer Han Berger jaren later: ‘Ik zal het je nog sterker vertellen. Ben deed dat uit zichzelf.’

Mijn club.

FC Utrecht voetbalde dertig jaar geleden zoals Theo Aalbers was. Recht door zee, veel passie, geen gelul. Zoals hij ooit zei: ‘Alle ballen hoog voor de pot en een ambulance bij de uitgang.’