Lars van der Haar rijdt eigen race in nat, koud en glibberig Namen

Veldrijden Redactie

Nat, koud en elke meter glibberig. Dat was zondag het decor van de wereldbeker in Namen. Met soms afdalingen door plassen waarvan niet duidelijk was hoe diep ze waren. Mathieu van der Poel triomfeerde na een fascinerende tweestrijd met Toon Aerts. Lars van der Haar hield zich kranig en eindigde als zesde in een memorabele Citadelcross.

Na de rugproblemen een week eerder die hem tot opgave hadden gedwongen in de Druivencross toonde Van der Haar in Namen mentale weerbaarheid. Dat was nodig want de deelnemers werden getrakteerd op barre omstandigheden. Het was waterkoud en er stond een venijnige wind terwijl de regen onophoudelijk naar beneden kwam. Het parcours was ook nog eens in een verraderlijke blubberzooi veranderd, een moment van onachtzaamheid en je lag op je snuit. Eli Iserbyt ondervond aan den lijve wat een verkeerde kledingkeuze voor gevolgen kon hebben. Hoewel zijn moeder hem nog een regenjack aanreikte viel de Belg, leider na vijf van de negen wereldbekermanches, totaal onderkoeld uit.

Bij de eerste doorkomst lag Lars van der Haar negende, op  19 seconden van leider Mathieu van der Poel die zonder echt te demarreren was weggereden. Alleen Toon Aerts, de man die hem een week eerder in Ronse geklopt had, kwam terug in zijn spoor en de twee zouden het beeld van de Citadelcross bepalen. Van der Poel leek na enkele lekke banden geknakt maar ineens was het gedaan met Aerts. De krachten waren weggevloeid, zoals ook de nummer drie op dat moment Tom Pidcock geen energie meer over had en nog ingehaald werd door Corné van Kessel. Van der Haar reed zijn eigen race en hoewel dit niet direct het ideale parcours was voor de vedergewicht uit Woudenberg werd hij knap zesde.

 

Victorie kraaien

De vrouwen hadden daarvoor eerder mogen ’genieten’ van het koude slijk op de Citadel. Welke Nederlandse renster zou victorie kraaien was vooraf een legitieme vraag, gezien de dominantie van de Nederlandse vrouwen dit seizoen. Het werd opnieuw een 1, 2 en 3 met de sterke en ervaren Lucinda Brand op de hoogste plaats. Ceylin Alvarado finishte als tweede, Annemarie Worst werd de nummer drie.

Voor junior Puck Pieterse was het 40 minuten afzien. Een foutje was snel gemaakt in de verraderlijke blubber, zo ondervond ook leidster Brand die in de slotronde nog onderuit ging maar een geruststellende voorsprong had op Alvarado. Pieterse lag bij de eerste doorkomst 21ste, twee plaatsen achter Marianne Vos, de vrouw die als de beste veldrijdster ooit wordt beschouwd. Maar terwijl de zevenvoudige wereldkampioene die pas sinds kort in het veld rijdt langzaam oprukte en uiteindelijk nog als negende eindigde op 3 minuten van Brand, moest Pieterse nog wat meer terrein prijsgeven en finishte als 22ste op 4.53. Geen schande want het parcours was loodzwaar en de Amersfoortse is met haar 17 jaar nog een junior. Ook Geerte Hoeke uit Maarn had het moeilijk en ze eindigde als 33ste. In een veld van liefst 85 vrouwen met veel verschillende nationaliteiten was dat nog altijd redelijk.