Een levenslang contract met FC Utrecht

Voetbal Ted Vermeulen

Iedere (sport)vereniging kent wel een clubicoon. Een legendarische (voetbal)held die van grote betekenis is (geweest ) voor de club en generaties later nog wordt herinnerd. De één blijft gewoon het hele leven supporter van zijn club, de ander maakt zich verdienstelijk door zitting te nemen in een commissie of bestuur. Tot die eerste categorie behoort Louis (Loet) Lafère (84), tandarts in ruste en vergroeid met het betaalde voetbal in Utrecht dat hem financieel zelfs aan het wankelen bracht.

Het is de dag na FC Utrecht – Ajax (0-1). We spreken met Louis Lafère (84) in zijn luxe appartement in Driebergen. Hij vestigde zich in 1950 vanuit Den Helder in Utrecht om tandheelkunde te studeren.

Inmiddels is Lafère al 67 jaar een gewaardeerd lid van het Utrechtse usv Hercules en een zeer bekende verschijning in de bestuurskamer bij alle wedstrijden van FC Utrecht, zowel uit als thuis. ‘Ik kwam dus uit de kop van Noord-Holland en meldde me aan bij Hercules, dat toen nog aan de Laan van Maarschalkerweerd speelde.’

Lafère voetbalde in het derde zaterdagelftal en vanaf z’n 30e tot en met z’n 55e  in het veteranenelftal. ‘Een prachtige tijd met tegenstanders als AFC, HBS, HVV, VOC, UD en andere bekende clubs van enig niveau. En natuurlijk genoot ik, zoals alle leden van Hercules destijds van een kopje koffie met een gevulde koek, geserveerd door uitbaatster van het buffet Moeke Mol op Maarschalkerweerd.’

De ene week ging Lafère naar DOS, de andere week naar Hercules, waarvan het eerste elftal de thuiswedstrijden in stadion Galgenwaard speelde. ‘De toenmalige voorzitter van Hercules, professor Zevenbergen, had ook een tribunekaart voor DOS maar maakte daar eigenlijk nooit gebruik van. Hij gunde mij die kaart en zo rolde ik  bij DOS het Utrechtse betaalde voetbal in.’

Hoewel Lafère het uitstekend naar de zin had, en nog hééft, bij Hercules trok het betaalde voetbal hem toch meer aan. Zijn goede communicatieve eigenschappen brachten hem al snel in contact met ‘De Vrienden van DOS’ Een kleurrijke groep mensen zoals juwelier John Baartwijk, makelaar Arno van den Heuvel, garagehouder Hennie Pfaff en aardappelgroothandelaar Leo Hooft, die DOS financieel steunde als daar behoefte aan was. ‘En dat gebeurde nogal eens’,  herinnert Lafère zich nog als de dag van gisteren. ‘DOS had geen dubbeltje in kas en wilde na het landskampioenschap in 1958 toch een rol van betekenis blijven spelen.’

Zo werd Lafère gevraagd een bijdrage te leveren aan de komst van John Steen Olsen. Hij deed dat en had het geluk dat de Deen in zijn eerste wedstrijd bij Telstar matchwinner werd ( 0-1) en later uitgroeide tot een dragende speler, die 17 wedstrijden voor DOS en 126 voor FC Utrecht speelde. ‘Een nuttige investering dus.’

Een smeuïg verhaal ligt Lafère nog vers in het geheugen. ‘Ik zat op de tribune bij Velox – Elinkwijk. Die wedstrijd zou beslissend zijn voor promotie naar de Eredivisie en werd heel ongebruikelijk op …


Bent u geïnteresseerd om dit hele artikel te lezen? Dat kan. U heeft daarbij deze mogelijkheden:

– U koopt de krant bij een verkooppunt bij u in de buurt
– U kiest voor een abonnement op de krant
U bestelt een losse uitgave van de krant waarin dit artikel gepubliceerd is
U bestelt dit artikel los