Mannentophockey: homoseksualiteit prima, maar homograppen toch ‘normaal’

Hockey Redactie

Een overgrote meerderheid van de mannelijke tophockeyers geeft aan geen enkel probleem te hebben met (uitingen van) homoseksualiteit, ook niet binnen het tophockey. Tegelijkertijd onderkennen zij dat negatieve uitingen over homoseksualiteit regelmatig voorkomen. Deze worden meestal als grapje bedoeld en veelal niet - bewust of bedoeld - om homoseksuele mannen te kwetsen. Deze resultaten komen voort uit een deelstudie die het Mulier Instituut uitvoerde onder mannelijke tophockeyers naar de LHBT-acceptatie en de ervaren cultuur binnen het tophockey.

Een overgrote meerderheid van de mannelijke tophockeyers geeft aan geen enkel probleem te hebben met (uitingen van) homoseksualiteit, ook niet binnen het tophockey. Tegelijkertijd onderkennen zij dat negatieve uitingen over homoseksualiteit regelmatig voorkomen. Deze worden meestal als grapje bedoeld en veelal niet – bewust of bedoeld  – om homoseksuele mannen te kwetsen.

Niettemin kenmerken dergelijke grappen zich vaak door een stereotyperende en veelal negatieve lading. Deze bestendigen de heersende macho-/heterocultuur binnen het mannen(top)hockey en kunnen een uitsluitende werking richting homomannen hebben. Ondanks de zelfbenoemde hoge ‘tolerantie’ richting homoseksualiteit, zijn slechts weinig mannen in het tophockey openlijk homoseksueel.

Een meerderheid van de mannelijke tophockeyers erkent dat de heersende normen over gender (mannelijkheid en vrouwelijkheid) en seksuele voorkeur het uit de kast komen kunnen bemoeilijken. Vrijwel alle respondenten vinden het goed dat de Nederlandse hockeybond KNHB zich inzet om homoseksualiteit beter bespreekbaar te maken in het mannentophockey. Maar er lijkt minder oog voor hun eigen rol daarin, want er bestaat weinig draagvlak voor het veranderen van de bestaande macho-/ heterocultuur op de eigen vereniging.

 

Enkele andere resultaten uit deze deelstudie:

– Vier op de tien mannelijke tophockeyers geven aan dat het voor mannen moeilijk is om in het tophockey uit de kast te komen.
– Drie kwart vindt het geen probleem om met homoseksuele mannen te douchen.
– De helft heeft er geen probleem mee om met transmannen te douchen.
– 16 procent vindt het aanstootgevend wanneer twee mannen elkaar zoenen tegenover 3 procent wanneer een man en vrouw elkaar zoenen.

Het onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van de Alliantie Gelijkspelen, die sinds 2008 in opdracht van de ministeries van OCW en VWS een beleidsprogramma uitvoert, gericht op de acceptatie van homoseksualiteit in de wereld van de (georganiseerde wedstrijd)sport. De Nederlandse hockeybond (KNHB) maakt deel uit van de Alliantie Gelijkspelen 4.0, naast de John Blankenstein Foundation (penvoerder), NOC*NSF, de voetbalbond (KNVB) en Stichting Roze Voetbal Fanclubs.

Homo-acceptatie in het mannentophockey. Factsheet Mulier Instituut

Lees hier meer over het onderzoek.