Nieuwe hobby leidt vaak ook tot nieuwe vriendschappen

Bridge Redactie

Bridge heeft de naam ‘moeilijk’ te zijn. Goed, er zijn wat meer regels dan bij klaverjassen. Maar van degenen die een beginnerscursus hebben doorlopen en zich in de ‘arena’ wagen, heeft vrijwel nooit iemand spijt gehad van die stap. Daarvoor is het kaartspel te leuk en te uitdagend, om maar niet te spreken van de nieuwe contacten - zelfs vriendschappen - die je opdoet.

Heel simpel gesteld bestaat bridge uit twee gedeelten: het bieden en het spelen. Je speelt met een partner tegen twee tegenstanders. Ieder krijgt 13 kaarten, waarna je vervolgens gaat onderzoeken of je met je partner over sterke kaarten beschikt en mogelijk sterk bent in een bepaalde kleur (het bieden). Maar dat doet ook de tegenpartij. Wie het hoogst biedt mag spelen en probeert zoveel mogelijk slagen (13 is dus het maximum) te halen. De tegenpartij speelt dan tegen en probeert op haar beurt zoveel mogelijk slagen te halen.

Utrecht is het kloppend hart van bridgend Nederland. Het Nationaal Denksport Centrum is gevestigd aan de Kennedylaan te Utrecht, waar de BridgeBond in hetzelfde gebouw zetelt. Utrecht kent de hoogste dichtheid aan docenten; in het denksportcentrum zijn elk jaar verschillende grote toernooien.

 

Geschiedenis

Engelsen zweren bij cricket, Russen bij schaken en Amerikanen bij honkbal, maar alle nationaliteiten spelen bridge. Bij de Wereld Bridge Federatie zijn zo’n 100 landen aangesloten en of je nu bridge speelt in Tokio, Rio de Janeiro of Reykjavik, de regels zijn overal hetzelfde. Over de hele wereld spelen naar schatting 100 miljoen mensen bridge.

Bridge is ontstaan uit whist. Het zou al vóór 1886 gespeeld zijn in Caïro. Later in Frankrijk raakte bridge bekend onder de naam ‘khedive’, de officiële titel van de Turkse onderkoning. De herkomst ligt in Turkije of Rusland; Engelse officieren zouden ermee kennis hebben gemaakt tijdens de Turks-Russische oorlog (1877-78).

De huidige vorm van bridge, officeel contractbridge, werd voor het eerst gespeeld op 1 november 1925, aan boord van het stoomschip Finland dat op weg was van San Francisco naar New York. Op verzoek van Harold Vanderbilt werd een door hem bedachte scoretabel getest. Een passagiere voegde daaraan het begrip ‘kwetsbaar’ – wat een ‘zwaardere’ puntentelling inhoudt – toe, ontleend aan een oriëntaals kaartspel dat ze speelde in China, en contractbridge was geboren. In 1928 werd al het eerste kampioenschap gespeeld en het is een eer voor Vanderbilt dat zijn tabel, met wat kleine aanpassingen, nog steeds wordt gebruikt.

 

Geen taalproblemen

Bridge wordt internationaal gespeeld en toch zijn er geen taalproblemen. Normaal mag er zelfs niet gesproken worden tijdens het bieden en het spelen. De volledige bieding gebeurt door gebruik te maken van de speciale kaartjes. Bij grote wedstrijden en kampioenschappen zit er een scherm tussen de spelers, zodat je je partner niet kunt zien en geen ongeoorloofde signalen kunt geven. In vroegere jaren werd wel eens over het hart gewreven of onder de tafel door geschopt (en het ‘verkeerde’ been geraakt) om een voorkeur voor een bepaalde kleur aan te geven. Signaleren mag wel, maar dan met de kaarten en de tegenpartij moet van de afspraken op de hoogte zijn.

Bridge is één van de grootste teamsporten van Nederland. Er zijn naar schatting 300.000 mensen die geregeld bridge spelen, waarvan 120.000 spelers lid zijn van de BridgeBond. Het overkoepelende orgaan in Nederland stelt dan ook: ‘Over de kracht van bridge valt niet te twisten. Bridge heeft veel te bieden, het vermaakt, zorgt voor vriendschappen en houdt je bij de les. Bridge prikkelt en ontwikkelt.’

Veel mensen die gepensioneerd zijn en een hobby zoeken die ze samen met hun partner kunnen beoefenen, komen uit bij bridge. Ze melden zich aan bij een cursus, soms met buren of kennissen, en eenmaal in de ban geraakt van het spel gaan ze gezamenlijk ‘op de club’. Niet zelden wordt het geleerde ook nog eens in kleine kring in de praktijk gebracht. Een kleine bloemlezing van mensen die zich op latere leeftijd aan bridge waagden: ‘zonder bridge was ik in een isolement beland’, ‘bridge vervangt al mijn sporten volledig’ en ‘als bewegen niet meer gaat, is bridge een zegen’.

Maar pas op. Soms is het verstandig niet met je levenspartner een bridgepaar te vormen, maar met een kennis of een nieuw opgedane vriend(in). Want niet voor niets bestaat de kreet: ‘echtparenbridge, dat is vechtparenbridge’.

 

 Deze week online en in de -papieren- Utrechtse Sportkrant veel aandacht voor Bridge.