Nieuwe sport in Utrecht: vliegen zonder parachute

Skydiven Willem van der Steeg

Indoor skydiven is een nieuwe sport die nu ook in Utrecht beoefend kan worden. Bij indoor skydiven ervaar je de sensatie van een vrije val, maar dan zonder vliegtuig en parachute. Wethouder Geldof opende deze week samen met de Finse wereldkampioene Inka Tiitto indoor skydivecentrum City Skydive.

Sinds 13 april heeft Utrecht, naast Roosendaal, het tweede indoor skydivecentrum van Nederland, City Skydive genaamd. Het hart van City Skydive bestaat uit twee enorme glazen windtunnels. Per windtunnel zorgen vier windturbines van elk 10.000 kilo per stuk voor een grote opwaartse luchtstroom, waardoor windsnelheden tot 300 kilometer per uur ontstaan.

Mensen vliegen 12,5 meter boven het grondniveau en krijgen zo een prachtig uitzicht over de omgeving. Het 10 miljoen euro kostende gebouw is zodanig ontworpen dat bezoekers zowel van buitenaf als vanaf vlieghoogte naar de skydivers kunnen kijken.

Iniatiatiefnemer Henk Moeskops: ‘Ongeveer 5 jaar geleden zag ik dat indoor skydiven steeds populairder werd. Vervolgens zijn we gaan kijken of we dat ook in Utrecht konden realiseren. Ik ben in Duitsland en België gaan kijken hoe ze het daar deden en heb onderzoek laten doen naar optimale vliegomstandigheden.

Met trots kan ik zeggen dat de aerodynamica bij ons uitstekend is. Zelfs uit het buitenland krijgen we nu aanvragen om te komen trainen. Bovendien hebben wij twee windtunnels, wat uniek is in Europa.’

Indoor skydiven is vliegen in een windtunnel en als sport ontstaan doordat parachutisten hun vliegkunsten ook binnen wilden trainen. Parachutisten van het Duitse leger trainen bijvoorbeeld ook in indoor skydivecentra.

Sinds 2015 worden om het jaar wereldkampioenschappen en worldcups georganiseerd. Wereldkampioene freestyle skydiven Inka Tiitto kwam speciaal voor de opening van het Utrechtse skydivecentrum naar Nederland gevlogen. ‘Het is echt heel cool om hier te vliegen, de locatie is ook mooi.’

 

‘Het is puur genieten, het
is als dansen in de lucht’

 

Inka kwam door vrienden in aanraking met de sport. ‘Zij dwongen mij om ook te gaan springen’, lacht ze. ‘Ik ben begonnen vanuit het vliegtuig en heb zo’n 1300 sprongen gemaakt. In 2011 ben ik overgestapt op indoor skydiven.’

 

Ruimte

In 2015 werd het eerste wereldkampioenschap gehouden in Praag en vorig jaar de Worldcup in Warschau. Beide wist Tiitto op haar naam te schrijven. ‘Ik ben op mijn derde begonnen met dansen. Later ging ik dat professioneel doen. Van die achtergrond, in combinatie met mijn ervaring als parachutespringer, profiteer ik nu bij het freestyle skydiven.’

Het grote verschil met parachutespringen is volgens Tiitto het besef van ruimte. ‘De luchtstroom is hetzelfde, maar buiten is het moeilijker om je te oriënteren door de grote ruimte om je heen. Ik geniet echt van mijn sport, het voelt als dansen in de lucht.

Als je begint moet je over je nervositeit heen stappen. Mensen zijn namelijk zwaartekracht gewend, maar de kunst is om te relaxen, je balans te houden en om vooral ook rustig te blijven ademen.’

Tiitto is nog lang niet uitgekeken op haar sport. ‘Omdat de sport nieuw is, valt er nog zoveel te ontdekken. De jury weet soms ook niet wat ze met nieuwe oefeningen aan moet, die zien ze dan ook voor het eerst.

Het leven kan soms hectisch zijn, maar als ik in de lucht zweef voel ik mij vrij en denk ik nergens aan. Het is yoga in de lucht. Ik ben met mijn dertig jaar een van de ouderen in mijn sport, maar ik kan en wil dit nog heel lang blijven doen. En waarom ook niet, er zijn toch ook nog actieve dansers van 80 jaar.’