Nominaties Sportvrouw Utrecht 2018

Overig nieuws Pim van Esschoten/SportUtrecht

De nominaties voor de Sportprijs Utrecht zijn bekend. In een serie van zeven artikelen worden de sporters voorgesteld waarop tot 8 februari gestemd kan worden. Sprint Dafne Schippers naar de 6e titel van Utrechtse Sportvrouw? Of gaan parasnowboarder Lisa Bunschoten en waterpoloster Dagmar Genee ermee aan de haal?

Lees hieronder meer over de genomineerden en stem daarna voor deze categorie op https://sportprijs-utrecht.nl/stemmen-sportvrouw-2018/.


 

‘De sport wordt serieuzer, da’s alleen maar mooi.’

Zilver met goud randje voor Lisa Bunschoten

In de wang een snee, om de nek een zilveren plak en het gemoed vol gemengde gevoelens. Zo stond Lisa Bunschoten (23) in PyeongChang op het podium na de snowboardcross tijdens de Paralympische Winterspelen. Gevolg van de botsing en valpartij tijdens de finale met Bibian Mentel. De laatste stond als eerste op en gleed naar het goud.

‘Het ligt achter me,’ zegt ze nu. ‘Het was zilver met een gouden randje. Ik heb laten zien mee te kunnen met de regerend kampioene. Of ik Mentel ook kan verslaan, zullen we nooit weten. Ze is immers gestopt. Maar ik ben trots op wat ik PyeongChang heb laten zien.’ Ze won er ook nog brons op de banked slalom. Na twee van de drie runs had ze de snelste tijd, maar in de laatste run doken Mentel en de Amerikaanse Britney Coury daar nog net onder.

Sochi 2014 en haar Olympisch debuut ging ze fulltime trainen op Papendal. Staat ze niet ergens in de wereld in de sneeuw, doet ze hier van alles en nog wat, zoals surfen (Vlieland), zelfs trampolinespringen en boksen. Alles waarvan zij en haar trainers Frank Germann en Bell Berghuis denken dat ze een betere snowboarder wordt.

En dat moet, want Lisa Bunschoten ziet de concurrentie toenemen, sinds haar sport in Sochi 2014 voor het eerst op het paralympisch programma stond. ‘We staan al lang niet meer aan het begin. Er zit een snel stijgende lijn in. Gelukkig wel. De sport wordt serieuzer, da’s alleen maar mooi.’

Op haar zestiende werd haar linkervoet geamputeerd. Voor die tijd deed ze ook aan zwemmen en paardrijden. ‘Maar snowboarden is het mooist. De natuur, buiten zijn. En ik hou van de cross, de races. Zeker als we over niet al te lange tijd met z’n vieren gaan racen. Want dat zit er aan te komen.’


 

‘Ons doel is niet het EK, dat is kwalificatie voor Tokio 2020.’

Dagmar Genee is van het gezeur af

Daar stond ze, met de Europese beker in Barcelona. ‘Die spotlights ben ik niet gewend. Ik cijfer mezelf graag weg en hou liever in de gaten wat onder teamgenoten speelt.’ Dagmar Genee (20) is een koele kikker. Te nuchter, zeggen sommigen. Juist goed voor haar rol als captain van Oranje, zegt Genee zelf.

De waterpoloster van UZSC trainde al mee met Oranje in de aanloop naar Beijing 2008, toen Olympisch goud werd behaald. Genee was daar niet bij. Te jong nog, fysiek niet klaar. Ze verliet Oranje, haalde haar masters en vroeg zich af: ‘Wat wil je Dagmar? Stort je je op je carrière of jaag je je Olympische droom na?’

Sinds haar terugkeer in 2013 speelde ze met Oranje finales op het WK (2015) en EK (2014, 2016). En steeds ging het mis. Verlies in finales was in het dna van de ploeg gaan zitten. Niet volgens Genee, want elke finale kende een eigen verhaal. ‘Alleen in Belgrado (2016) hebben we het laten liggen.’ Nee, met die zege op Griekenland en de Europese titel werd niet afgerekend met een trauma. ‘Al zeiden we ook tegen elkaar dat de buitenwereld er niet meer over kan zeuren. Daar zijn we van af. We zijn Europees kampioen zijn. Eindelijk.’

Nuchtere Genee zegt ook: ‘Maar we hebben nog niks. Ons doel is niet het EK, dat is kwalificatie voor Tokio 2020. Die titel is wel goed voor ons zelfvertrouwen. Dat nemen we mee, want Tokio halen is moeilijk genoeg. Kwalificatie voor Londen 2012 werd op één doelpunt gemist, net als voor Rio 2016. Maar áls we naar Tokio gaan, kunnen we ook Olympisch kampioen worden. De wereldtop ligt zo dicht bij elkaar. De VS is de nummer één, maar in de finale om de World League 2018 stonden we voor en verloren uiteindelijk nipt (8-7). Toch goed voor ons zelfvertrouwen.’


 

‘Er zijn atletes die voor het geld lopen. Dat zou ik nooit kunnen.’

Dafne Schippers kan niet altijd de beste zijn

Haar jaar kende ups and downs. Tot de ups behoorde de 22,14 seconden in de EK-finale (200 meter). Nog altijd een toptijd, maar Dina Asher-Smith knalde haar voorbij in 21,89. ‘Onverwacht misschien, maar ze is al jarenlang een grote concurrente die in Berlijn supersnel was. Soms moet je dat gewoon accepteren.’ zegt Dafne Schippers.

De Britse loste haar af als sprintkoningin van Europa. ‘Geen ramp, de jaren met een WK of Olympische Spelen zijn het belangrijkste.’ Al lukte het in 2018 niet, Schippers weet dat ze ook weer onder 22 seconden kan lopen. ‘Ik ben misschien ook wat realistischer geworden in de loop der jaren. Het is onmogelijk om altijd de beste te zijn.’

Down in 2018 was zeker die valse start tijdens de NK in haar eigen Utrecht. ‘Vooral omdat ik het Utrechtse publiek wat wilde laten zien.’ In 2018 ging ook haar coach Rana Reider terug naar de VS en kwam ze weer uit bij Bart Benema, die haar tot en met Rio 2016 al begeleidde. Een nieuw begin? ‘Eigenlijk niet, het voelde al snel weer als vertrouwd. Natuurlijk zijn we destijds allebei een andere weg ingeslagen, maar de band die je met iemand opbouwt is niet zomaar verdwenen. We begrijpen elkaar en dat is fijn werken.’

Bovendien, op Papendal traint ze in een ‘hartstikke leuke groep.’ En plezier is altijd haar basis geweest. ‘Belangrijk als je dag in dag uit traint om de beste te zijn. Er zijn atletes die echt voor het geld lopen en het als werk zien. Dat zou ik nooit kunnen.’

Vijf jaar op rij werd Dafne Schippers al gekozen tot beste sportvrouw. ‘Echt een enorme eer.’ De prijs persoonlijk in ontvangst nemen wordt ook nu moeilijk, omdat de feestelijke avond midden in haar indoorseizoen valt met veel buitenlandse trips. ‘Ik zou het graag doen, maar het hangt van de planning af.’