Poen

Column Pim van Esschoten 'Eindsignaal'

Na afloop van de interland met Noorwegen werd gesmeekt om het shirtje van Lieke Martens. Ja, wie wil dat niet? Het shirtje van Lieke Martens! Ze twijfelde. Moest ze haar shirtje niet voor de volgende wedstrijd bewaren? 'Ik zal het even vragen,' zei de beste voetbalster ter wereld heel keurig. Even later zagen we een teambegeleider schudden met het hoofd; hou'en dat shirt.

Hilarisch, maar ook een moment van schaamte. Misschien klotst de poen niet tegen de plinten op het Zeister bondsbureau, maar die drie kwartjes moeten toch wel ergens zijn te vinden? Nee dus. En daar stond Martens, als een leeuwin in haar hempie.

Nee, dan Rutte III. In de maanden dat we misschien wel dachten dat ze aan het sjoelbakken waren rond het Binnenhof, bleek er extra geld voor de sport te worden uitgetrokken. De tien miljoen extra die minister Schippers een jaar geleden al uittrok voor topsport wordt verdubbeld. Bovendien gaat er vijf miljoen naar grote, internationale sportevenementen in het land en tien miljoen extra naar het verstevigen van de bonden. Jaarlijks 25 miljoen extra, dat is heel mooi.

Dan wil je natuurlijk weten of er – uit die extra pot geld – ook iets bijzit voor het Regionaal Topsport Organisatie (RTO) in Utrecht, zeg maar VSU Topsport. Die vraag komt te vroeg, laat de woordvoerder van NOC*NSF weten. Toch is er hoop, laat hij een beetje doorschemeren, dat het bedrag van 38.000 euro die nu via NOC*NSF jaarlijks naar het RTO vloeit, wat wordt verhoogd.

Tja, het gaat in de topsport niet altijd over 200 miljoen voor één speler. Met pakweg tien mille extra zouden ze blij zijn bij de VSU voor de ondersteuning van jonge talenten. De grote klapper (nou ja…) moet komend voorjaar komen, bij de verkiezingen voor de gemeenteraden. Zeker in de stad Utrecht staat de politiek in het krijt bij de sport. Vóór de verkiezingen van 2014 beloofden de partijen extra geld, maar in het collegeakkoord stond slechts één schamele alinea over sport. En geen woord over poen.

Zoals NOC*NSF landelijk een lobby voert, doet de VSU dat lokaal. Reken maar dat elke waarde van sport – zó essentieel in een samenleving – daarbij wordt benadrukt. En wie zijn oor te luister legt bij de VSU hoort dat één aspect bovenaan staat; de aandacht voor topsport en met name talentontwikkeling. Wat zeg ik? Aandacht? Ik bedoel poen. Platte poen. Laat de topsport in Utrecht niet in z’n hempie staan. Anders gezegd: If you pay peanuts you get monkeys.