Puck Pieterse wereldkampioen na zenuwslopende race

Veldrijden Hans van Ommeren

Wat scheelde het. Een paar centimeter en met het blote oog nauwelijks waarneembaar. Toch stak Puck Pieterse de armen juichend omhoog toen ze over de finish kwam, om even later zittend op de grond toch te twijfelen. De beelden zorgden evenwel voor opluchting. De Amersfoortse was de nieuwe wereldkampioen veldrijden bij de beloftevrouwen en dik verdiend. Ze had de hele cross het meeste initiatief getoond, al was het wel kantjeboord.

Met het zilver voor Shirin van Anrooij en het brons voor Fem van Empel werd het niet onverwacht een geheel Nederlands podium. De drie Nederlandse meiden steken er al geruime tijd met kop en schouders bovenuit ten opzichte van hun leeftijdsgenoten. In het Amerikaanse Fayetteville was het al niet anders. De keiharde en kurkdroge ondergrond, overigens voor 97 procent bestaand uit gras,  zorgde voor een supersnelle omloop. Van Anrooij deelde al vroeg de eerste tik uit. Ze plaatste een venijnige demarrage en alleen Pieterse reageerde alert. Het duo pakte een paar seconden op Van Empel, op papier de snelste van de drie en die kun je maar beter lozen. Een ronde later was Pieterse ineens weg. Ze forceerde een kloofje, maar kon dat niet vasthouden. Van Anrooij sloot weer aan en even later deed ook Van Empel dat.

 

Heuveltje

De drie waren weer samen maar voor hoe lang? Op de lange klim deed Pieterse diverse pogingen om weg te geraken, maar vergeefs. Even dreigde de Française Line Burquier bij de oranjevrouwen te komen, maar zover lieten zij het niet komen. Opnieuw was Pieterse degene die het voortouw nam en het tempo opschroefde. De vraag was echter of de Amersfoortse niet te veel krachten had verspild.

Bij het ingaan van de laatste ronde rook de uittredende wereldkampioen Van Empel meer en meer haar kansen. Totdat een heuveltje haar fataal werd. Ze kwam net als Van Anrooij tot stilstand en Pieterse was weg. Voor Van Empel verdween de wereldtitel helemaal uit zicht toen ze problemen bleek te hebben met de ketting van haar fiets. Van Anrooij gaf zich nog niet gewonnen en kwam met een uiterste krachtsinspanning weer bij Pieterse. Die liet even het tempo zakken om op adem te komen en ging vervolgens van kop af de sprint aan. Van Anrooij kwam angstig dichtbij, maar het talent uit Amersfoort, al ingelijfd door de Belgische profploeg Alpecin-Fenix, hield stand.

Ze had alles op de laatste ronde gezet, verklaarde ze na afloop. ‘Maar ik kwam niet weg op de lange klim. Na het heuveltje hoorde ik mensen schreeuwen dat ik een gat had en ik ben vol doorgegaan.’

 

Achtste wereldtitel

Overigens hadden de drie probleemloos een dag eerder bij de elitevrouwen kunnen meedoen. Of ze de eerste twee serieus hadden kunnen bedreigen is echter de vraag. Marianne Vos en Lucinda Brand waren een klasse apart en konden het zich permitteren in de finale bijna stil te staan, zoals een baanrenner naar zijn tegenstander loert in de sprint. Vos klopte haar landgenote zoals ze zestien jaar geleden de Duitse Hanka Kupfernagel erop legde bij haar eerste wereldtitel in Zeddam. In Fayetteville veroverde ze haar achtste regenboogtrui.