Rugproblemen worden Dafne Schippers op 200 meter te veel

Atletiek Hans van Ommeren

Een dubbele hernia is uiteindelijk de grootste tegenstander van Dafne Schippers gebleken in Tokio. De 29-jarige Utrechtse werd in de halve finale uitgeschakeld op de 200 meter, haar specialiteit. De dubbele sprint is de afstand waarop Schippers tweemaal wereldkampioen werd (in 2015 en 2017) en tussendoor zilver veroverde op de vorige Spelen in Rio. Aanhoudende rugproblemen hebben nu een eind gemaakt aan haar olympische aspiraties.

Dafne Schippers heeft Nederland, samen met Churandy Martina bij de mannen, op de kaart gezet als sprintnatie. Om te zeggen dat er nu een einde aan een tijdperk is gekomen is nog wat voorbarig, maar de kans dat Schippers er over drie jaar bij de Olympische Spelen in Parijs bij zal zijn is bijzonder klein. Daarvoor kampt ze al te lang met chronisch blessureleed. Ze heeft onvoldoende kraakbeen tussen haar ruggenwervels, wat continu voor pijn zorgt, zeker bij belasting.

De 100m had de Utrechtse al laten schieten in de hoop op haar favoriete onderdeel een positieve uitschieter te kunnen realiseren. Op de 200m ontbrak de Britse topper Dina Asher-Smith. De regerend wereldkampioene heeft last van een hamstringblessure, waardoor ze op de 100m al niet voluit kon gaan en een fractie tekort kwam voor een finaleplaats. Jamile Samuel, de tweede Nederlandse atlete, had zich eveneens afgemeld vanwege een blessure.

In de serie kwam Schippers als derde over de finish in 23,13. Met de hakken over de sloot kwalificeerde ze zich rechtstreeks voor de halve finale, de nummers vier en vijf waren slechts een paar honderdsten trager. Dat je, om krachten te sparen, aan het eind van de race niet al te veel gas terug moet nemen illustreerde de Jamaicaanse Shericka Jackson. De winnares van brons op de 100m liep zuinig haar laatste meters in de veronderstelling dat ze tweede zou worden, Te zuinig bleek, in extremis werd ze door twee atletes gepasseerd. Exit de 27-jarige Jackson die dit seizoen een van de snelste tijden op de 200m liep en gold als een medaillekandidaat.

 

‘Frustrerend’

Dafne Schippers oogde ontspannen na haar eerste race in Tokio, maar gaf wel aan dat het gekke Spelen voor haar zijn. Normaal behoort ze tot de favorieten voor eremetaal, nu kon ze door de fysieke malheur absoluut niet inschatten hoe haar kansen waren op een finaleplaats. ‘Er zal een flinke tand bij moeten. Ik zal in elk geval alles geven, al is het af en toe best frustrerend,’ vertelde ze tegen de NOS.

In haar halve finale begon ze best goed maar moest steeds meer terrein prijsgeven. Met haar 23,03 werd ze slechts zesde en was ze bijna een seconde langzamer dan Shelly-Ann Fraser-Pryce en lag ze mijlenver achter de snelste tijd in alle drie de halve finale-races. Elaine Thompson-Herah, winnares van het goud op de 100m, ging superrelaxed naar 21,66 en stelde nadrukkelijk haar kandidatuur voor de titel.

Schippers reageerde emotioneel voor de camera van de NOS. Vechtend tegen de tranen: ‘Dit is hard. Het is niet waar ik voor kom. Ik heb er zo hard voor gevochten en dan hoop je op een miracle.’ De Utrechtse maakt ook nog deel uit van de 4x100m estafetteploeg, net als Jamile Samuel. Het is de vraag of Nederland wel een volwaardig kwartet de baan op kan sturen met twee niet topfitte atletes. Al lijkt Nadine Visser gezien haar uitstekende optreden in de finale van de 100 meter horden (vijfde) juist weer een lichtpuntje.

 

Femke Bol naar finale

In de stromende regen heeft Femke Bol moeiteloos de finale gehaald van de 400 meter horden. Op een kletsnatte baan hield de Amersfoortse het hoofd koel en won haar serie in 53,91. De tijd was niet van belang, wel de knappe wijze waarop de 21-jarige debutante omging met de extreme omstandigheden. De andere twee halve finales werden gewonnen door haar twee grote concurrentes, Dalilah Muhammad en wereldrecordhouder Sydney McLaughlin.