Spijker, Kunz en Stevens groeiden op bij VZC

Waterpolo Ron van Stokkum

De Veenendaalse waterpolo-eersteklasser VZC slaagt er niet in om de laatste stap naar de eredivisie te maken. De in Veenendaal opgeleide spelers kiezen hun eigen route. Doelman Jelto Spijker speelt diverse interlandwedstrijden, aanvaller Sam Kunz traint bij de Oranjeselectie en jeugdkeeper Pepijn Stevens aast op een eredivisiemogelijkheid. Spijker is duidelijk: ‘Mijn ambitie is om met Oranje naar het EK te mogen'.

Ook lijkt het de goalie ‘wel heel gaaf’  om een paar jaar bij een buitenlandse club te spelen. ‘En op de langere termijn wil ik naar de Olympische Spelen in Parijs, in 2024. En als dat niet lukt naar de Spelen van 2028 of 2032.’

Sam Kunz (20) speelde zijn eerste wedstrijden bij de pupillen van VZC: ‘Mijn vader en broer speelden allebei waterpolo. Ik ben eerst naar wedstrijdzwemmen gegaan, op advies van mijn ouders. Maar al snel stapte ik over naar waterpolo, dat vond ik veel leuker dan het saaie baantjestrekken. Ik begon bij de pupillen, maar ik groeide snel door. Het spelletje lag mij wel. Ik trainde mee met Talent Centraal, onder leiding van  Johan Aantjes en kwam terecht bij de Jong Oranjeselecties.’

 

Eredivisie

Ook Jelto Spijker genoot zijn opleiding bij VZC Veenendaal. ‘Op mijn achtste jaar ging ik bij VZC Veenendaal naar Aquafun. Vandaaruit ben ik gaan waterpoloën. Al snel werd ik keeper, ik was te lui om maar steeds heen en weer te zwemmen. Van mijn veertiende tot mijn zeventiende jaar speelde ik in VZC 1. Eigenlijk had ik het advies vanuit Jong Oranje en Oranje al een jaar eerder gehad om de overstap naar de eredivisie te maken. Ik hoopte met VZC die stap naar de eredivisie te maken. Ik wilde daar toch naartoe. Zeno Reuten was bondscoach, maar ook de coach in Gouda, bij Widex GZC Donk. Mark Nolting stopte daar, dus maakte ik een kans. Ik moest samen met Bram van Rossum strijden voor de basisplaats onder de lat. Bovendien kregen we te maken met Corona. Donk en ik bleken geen goede match te zijn, ik voelde me daar niet op mijn gemak. ZVL uit Leiden deed me twee jaar geleden een aanbod, waar ik op in ben gegaan. Ik heb het daar fantastisch naar mijn zin. Dit jaar bereikten we zelfs de laatste vier in de competitie. Ik ben ook in Leiden gaan wonen, terwijl ik tijdens drie jaar Gouda nog in Veenendaal woonde. Spelen in de eredivisie brengt een ander soort druk met zich mee. Er is bijna altijd een nagenoeg gelijkwaardige tweede keeper, het spel is veel sneller en er is ook zoiets als competitiedruk.’

 

Vaker trainen

Pepijn Stevens (18 jaar) is de huidige doelman van VZC Veenendaal. De keeper speelt al tien jaar voor de Veenendaalse club: ‘Ik was ongeveer 7 jaar toen ik op waterpolo ging. Ik heb het altijd een leuke sport gevonden en ik kon me goed ontwikkelen. We konden steeds vaker gaan trainen. Op mijn elfde mocht ik bij Jong Oranje meetrainen en ook kwam er een samenwerking met Polar Bears, waardoor we nog vaker konden trainen. Met Jong Oranje onder 15 mocht ik mee naar het Europees jeugdkampioenschap (EJK) in Bulgarije. Ook voor het EJK onder 17 was ik geselecteerd. Maar tijdens het voorafgaande oefentoernooi in Hongarije brak ik mijn pink. Daar ging mijn toernooi.’

Spijker: ‘Ik heb alle selecties van Jong Oranje doorlopen, met in 2018 het EJK onder 19 in Minsk als hoogtepunt. Sinds mijn zeventiende train ik mee met Oranje, de hoofdmacht. Mijn officieuze debuut maakte ik in de oefenwedstrijd tegen Roemenië, in Veenendaal. Het officiële debuut was tegen Litouwen, tijdens het Europees kwalificatietoernooi in Utrecht. Tijdens het EK-kwalificatietoernooi in Israël heb ik in alle wedstrijden gekeept.’

 

Waterpoloacademie

Pepijn Stevens zit nog in het voortraject: ‘Ik woon nu in Eindhoven, waar ik op de Waterpoloacademie zit. We trainen daar van maandag tot en met vrijdag zo’n zeventien uur per week. Bovendien volg ik in Eindhoven de havo. Op vrijdagmiddag ga ik dan naar Veenendaal, speel mijn wedstrijd met VZC Veenendaal en op zondagmiddag ga ik weer terug naar Eindhoven. De trainingen bij VZC schieten er dus bij in, want de ploeg traint niet meer op vrijdagavond.’

Ook Sam Kunz maakte de stap naar de eredivisie. ‘Ik was eind 14 jaar, of begin 15 jaar, toen ik mijn eerste wedstrijden bij VZC 1 speelde. In het begin was dat nog een beetje aftasten, maar dat ging al snel goed. Ik wilde verder, me ontwikkelen. Als ik bij VZC in de eerste klasse zou blijven, zou ik stil blijven staan. Ik heb uiteindelijk voor ‘Amersfoort’ (Schoonderbeek ZPC Amersfoort, red.) gekozen. Voor mijn gevoel zou ik daar beter op mijn plek zijn dan bij Polar Bears in Ede. Ook met deze club was ik in gesprek, maar daar speelden veel leeftijdgenoten en was de concurrentie groot. Ik moest me eerst maar eens waarmaken in de eredivisie. Dat kon in Amersfoort.’

Pepijn Stevens kiest ook voor zijn eigen ontwikkeling. ‘Natuurlijk wil ik beter worden. Ik kijk wel om me heen naar een club in de eredivisie. Maar ik moet dan wel een goede kans hebben om eerste keeper te worden. Ik groei niet door op de bank te zitten. Dan speel ik liever een hele wedstrijd bij VZC, waar ik nu inmiddels twee jaar eerste keeper ben. Maar ik denk wel dat ik over een of twee jaar een club in de eredivisie ga zoeken. Vanuit de KNZB is er geen druk om hogerop te gaan spelen. Het advies is om te doen waar ik me goed bij voel.’

 

Basisplaats

Sam Kunz kwam na een jaar alsnog bij de Edese buurman Polar Bears: ‘In Amersfoort kon ik het goed vinden met de coach, Gianluca Sattolo. Maar toen die weg ging en enkele spelers aankondigden te gaan stoppen, ben ik toch weer in gesprek gekomen met Polar Bears. Het goede gevoel groeide en met Ruud van der Horst had ik er wel vertrouwen in. Bovendien is Ede qua reistijd minder ver dan Amersfoort. Ook bij Polar Bears had ik snel een basisplaats te pakken. In de competitie werden we tweede, Ik zit nog niet aan mijn plafond. In Nederland is alles mogelijk. Maar of ik de moeite en energie kan opbrengen om er alles uit te halen, dat weet ik nog niet. Ik wil in elk geval mijn opleiding aan het CIOS afronden en daarna  doorstuderen. Of daar een buitenlands avontuur bij past? Nu train ik mee met Oranje. Dat gaat prima. Maar ik ben nog niet toe aan interlandwedstrijden, maar dat kan zo veranderen. Het kan soms snel gaan.’

International Jelto Spijker bereidt zich voor op een zomer met veel waterpolo: ‘Half juni zijn we begonnen met de voorbereidingen voor deze zomer. We trainen 8 tot 9 keer per week in het water, naast de droogtrainingen. Er staat een trainingstoernooi op Kreta op het programma, een trainingsstage met Frankrijk, een toernooi in Boedapest en uiteindelijk het EK in Split.’

Ook Pepijn Stevens heeft een volle Oranje-agenda: ‘Medio juni beginnen we aan de voorbereidingen voor het zomerprogramma. We hebben ons met het Onder 18-team geplaatst voor het WK in Belgrado. Natuurlijk hoop ik dat ik mee kan. Later in het seizoen staat ook nog een ‘EJK onder 19’ op het programma, in Podgorica in Montenegro. Ook dat toernooi staat op mijn wensenlijstje.’