Van Vleuten buigt voor Vos in slopende Amstel Gold Race

Wielrennen Hans van Ommeren

Marianne Vos en Annemiek van Vleuten ontbraken nog op de erelijst van de Amstel Gold Race. Een van die twee grootheden van het vrouwenpeloton zag zondag haar palmares verrijkt worden met de naam van de Nederlandse wielerklassieker. Dat is Vos, door Jumbo-Visma aangetrokken om de nieuwe vrouwenequipe gestalte te geven. Van Vleuten was er ook dichtbij, maar de kopvrouw van Movistar eindigde als derde, nog achter de jonge Demi Vollering.

De finale in de Limburgse heuvels was pure reclame voor het vrouwenwielrennen. Vorig jaar was de Amstel Goldrace gesneuveld vanwege de coronapandemie, dit jaar moesten de honderdduizend fans die normaal gesproken een aantrekkelijk plekje uitzoeken langs het parcours door de beperkingen thuisblijven. Maar de AGR ging tenminste door. Op een afgesloten omloop van bijna zeventien kilometer reden de vrouwen hun rondjes, maar saai was het nooit en met 21 beklimmingen leek de koers zwaarder dan ooit.

Scherprechter diende de Cauberg te worden, die 135 meter hoge pukkel, immens populair bij het legioen toerfietsers.

De rensters moesten heel vroeg uit de veren. Om zeven uur ’s ochtends was de ploegenpresentatie, ook al ontbrak dan het publiek. Om half negen werd het startsein gegeven en meteen ging de beuk erin. Van Vleuten bevond zich achterin de grote groep toen aartsrivale Anna van der Breggen het tempo opvoerde. Haar ploeg SD Worx was er duidelijk op uit de Utrechtse van geboorte, winnares van de Ronde van Vlaanderen, al in een vroeg stadium tot een inspanning te dwingen. Dat lukte.

 

Versnelling

Met nog 35 kilometer voor de boeg forceerde Van Vleuten zelf een afscheiding. Haar versnelling op de Cauberg, die daarna nog tweemaal beklommen zou worden, had in zoverre resultaat dat ze twee troeven van SD Worx elimineerde, Van der Breggen die net hersteld was van een verkoudheid en Chantal van den Broek-Blaak, de winnares van de Strade Bianche, misten de slag of konden niet mee komen, net als Floortje Mackaij uit Woerden.

De finale werd ingeluid door de Australische Grace Brown. Ze pakte bijna een halve minuut alvorens Lucinda Brand van het sterke blok van Trek-Segafredo – al ontbrak Ellen van Dijk door corona – de achtervolging op touw zette. Brown mocht nog even spartelen maar op de laatste passage van de Cauberg werd ze ingerekend. Van Vleuten zette aan, denderde over Brown maar viel vervolgens stil. Katarzyna Niewiadoma, in 2019 de laatste winnares, sprong over haar heen, gevolgd door Marianne Vos. Maar ook Vos kon het verschroeiende tempo niet volhouden en werd op haar beurt weer gepasseerd door Elisa Longo Borghini.

Het Pools/Italiaanse duo sloeg een gaatje en leek met de finish in zicht het onderling te gaan uitvechten. Ze loerden echter te veel naar elkaar en de achtervolgers kwamen weer dichterbij. Op 500 meter voor de streep sloten ze aan. Van Vleuten en Vos begonnen als eersten aan de sprint, maar die van Vos was veel krachtiger. Bijna liet de ervaren Nederlandse zich nog verrassen toen ze haar armen wel erg vroeg omhoog stak, maar de coming-vrouw Demi Vollering bleef op een half wiel steken.

Van Vleuten kwam nog op het podium als nummer drie, een plaats die ze ook in 2018 had bemachtigd. Twee jaar geleden was ze zelfs tweede geworden, maar de stijgende lijn had ze niet kunnen doortrekken.

 

Slopend

‘Ik voelde dat ik niet mijn allerbeste dag had,’ sprak de 38-jarige nummer drie. Dat ik dan toch nog op het podium sta is een verrassing. Waar het aan lag? Ik hou niet van excuses, al zullen mijn vrienden wel zeggen dat het vroege tijdstip heeft meegespeeld. Maar het was ook een zware koers, het was best slopend.’

Dat werd beaamd door de winnares, Marianne Vos. ‘Ik had niet gedacht dat ik nog zou winnen want ik was buiten adem op de Cauberg. Maar die twee keken te veel naar elkaar en voor een sprint heb je altijd nog wel een restje energie. Ook al stond er dan geen publiek langs de kant, je merkt dat het leeft.’

Floortje Mackaij (Woerden) eindigde op plaats 29. Belle de Gast (Utrecht) en Lorena Wiebes (Mijdrecht) behoorden tot de zestig rensters die de finish niet haalden.