Vincent ter Schure verbetert werelduurrecord

Aangepast sporten Wielrennen Roberto Cancian

Het Nederlands kampioenschap para-cycling aan de Nedereindse Berg in Utrecht moest het toneel worden waar Vincent ter Schure samen met piloot Timo Fransen het goud zou pakken tijdens het onderdeel criterium - tandem. Daarmee zou tevens revanche worden genomen op de tweede plek die hij de week er voor behaalde tijdens de NK tijdrijden. Eind september zou hij bovendien een aanval doen op het werelduurrecord. De agenda van de de para-cycler uit Houten was dus goed gevuld vlak voor de gedeeltelijke lockdown.

Ter Schure: ‘Wij werden op het NK vorig jaar verslagen op ons favoriete onderdeel en wilden tijdens dit NK revanche nemen door hen te verslaan op hun favoriete onderdeel. Verliezen is vaak je motor tot de volgende overwinning,’ zei hij voorafgaande aan de titelstrijd. Het pakte anders uit. Tristan Bergsma, de plaaggeest bij de eerdere titelstrijd, was ook nu de sterkste met zijn piloot waardoor hij zijn nationale titel op de weg wist te prolongeren. Daar baalde de 40-jarige Houtenaar van. ‘Natuurlijk wil je graag het rood, wit en blauw aantrekken. Dat is toch speciaal, zeker bij wedstrijden die je rijdt in het buitenland.’

Ter Schure kon zijn aandacht daarna snel verplaatsen naar de aanval op het werelduurrecord dat hij eind september deed. ‘Dat stond al zeker twintig jaar op naam van twee Fransen met 49,7 kilometer. Het doel was toch wel om over de 50 kilometer te gaan.’ En dat lukte. Samen met zijn piloot reed hij 53,8 kilometer in een uur. Vanwege de coronamaatregelen waren de verplichte UCI regels niet te volgen, er volgde dus geen officiële erkenning van de organisatie. Ter Schure liet vlak na de race weten op dat moment nog niet open te staan voor een tweede, officiële, poging. Houten FM tekende zijn reactie op: ‘Het is zo’n mentaal gevecht met jezelf. Het gaat er echt over hoeveel je jezelf pijn kan doen, dus liever niet op korte termijn nog een keer’.

 

Oogziekte

Vincent ter Schure rijdt op de tandem als gevolg van een progressieve oogziekte, genaamd Retinitis Pigmentosa. ‘Dit zorgt voor een beperkt gezichtsveld. Dat heb ik al sinds mijn pubertijd. Mijn ouders zijn dragers van het gen, dat erfelijk is, maar hebben het zelf niet. Langzaam gaat mijn zicht achteruit. Ik heb mensen gezien die binnen een jaar helemaal blind zijn geworden. Het kan ook twintig tot dertig jaar duren, het is een onzekere factor’, legt hij uit. Het is een gegeven geworden voor de parasporter die de A-status heeft en zich fulltime met zijn sport bezighoudt. ‘Ik ben niet het type om ernaar te leven, ik zoek juist mijn grenzen op en kijk naar de mogelijkheden die er zijn. Ik kan ook solo trainen, leef gezond en ik verzorg mij zelf goed.’ De oogziekte zorgt ervoor dat zijn blikveld steeds kleiner wordt. De koker waardoor hij nu nog kan zien, heeft een grootte van ongeveer 15% van volledig zicht. ‘In 2014 was het bij een meting nog 20%, het is dus 5% gezakt. Aan de zijkanten kan ik nog een beetje zien, je vormt een blikveld met twee ogen’, geeft hij aan.

 

Tokio

Bij de Paralympische Spelen zou hij met piloot Timo Fransen uitkomen op drie onderdelen: 4 km achtervolging op de wielerbaan, tijdrit op de weg en de wegrit. ‘Normaal vliegen we aardig de wereld rond om deel te nemen aan internationale wedstrijden maar dat is in deze coronatijd natuurlijk niet mogelijk. Volgend jaar wellicht weer wel, dan is er ook een Worldcup in Canada en de WK in Portugal.’

Naar deze wedstrijden toeleven gaat nu anders dan daarvoor. ‘Ik was in maart op trainingskamp in Spanje toen de corona-uitbraak plaatvond. We dachten in het walhalla te zitten maar opeens zag je niemand meer op straat en was er sprake van een lockdown. Zodra het mogelijk was, zijn we weer naar huis gegaan. Het is op zo’n moment belangrijk om te herschikken en mentaal er goed mee om te gaan omdat we eigenlijk in voorbereiding waren op Tokio. Dat werd in de war gegooid, alles is dan in één klap weg.’

 

Motivatie

Dat hard fietsen heel erg leuk is ontdekte hij op 8-jarige leeftijd. ‘Ik ging kijken bij mijn broer die twee jaar bij een professionele Continentale ploeg heeft gereden. Dat wilde ik ook. Daarvoor heb ik even gevoetbald, net als ieder kind, maar ik wilde andere dingen doen, dit vond ik veel leuker.’ In 2007 borg hij zijn fiets op omdat de motivatie weg was. Zijn zicht was op dat moment nog goed maar vanaf 2012 moest hij steeds meer dingen loslaten vanwege zijn visuele beperking. ‘In 2014 werd mijn oude passie nieuw leven ingeblazen door op de tandem te stappen. In het begin vond ik het lastig dat ik achterop zat maar dat gevoel is nu verdwenen. Ik ben mij de afgelopen jaren steeds meer een volwaardig sporter gaan voelen.’ Bij de start als tandemteam in 2014 hadden Vincent en Timo al snel door dat er muziek zat in de samenwerking. ‘Binnen een maand spraken we dan ook hardop de ambitie uit om voor het hoogst haalbare te gaan: Paralympisch goud bij de Spelen van Rio in 2016. Inmiddels kunnen we vol trots zeggen: ‘Goud in Rio’ is behaald. Ook wonnen wij tweemaal zilver in Rio. Het verschil met de nummer 1 was toen enorm klein.  Hadden wij in Rio een snellere fiets gehad, dan hadden we zeker nog een gouden plak gepakt. Ter Schure en Fransen werden in 2019 nog kampioen para-cycling op de tijdrit voor tandems tijdens de Worldcup in Emmen.

 

Materiaal

In Tokio willen ze de snelste fiets hebben die er op dat moment is. ‘Binnen onze sport maken we grote sprongen op heel veel vlakken, zoals training, materiaal en aerodynamica. Toen Timo en ik begonnen, reden we op een geleende tandem van 20 tot 25 kilogram. Wij wilden ons ontwikkelen omdat we achter liepen. Nu heb ik een ligtandem op maat met twee frames, één voor op de baan en één voor op de weg. Via een ontwikkelaar uit Zeeland zijn we ook wat betreft fiets, waar we een carbon frame voor hebben, vooruitgegaan. Wil je bij de beste horen en blijven dan moet je continu mee in de ontwikkelingen in je sport.’

Ter Schure doet er dan ook alles aan. Hij is per jaar ongeveer vier tot vijf maanden van huis, daarnaast worden er trainingsweken van 25 tot 30 uur gemaakt. Deze topsportaanpak is ook nodig, aangezien de concurrentie binnen de sport steeds groter en sterker is geworden.

Hoe de komende tijd er uit ziet, dat blijft afwachten. Vincent ter Schure wil in 2021 aan meerdere Worldcups meedoen, onder meer in Canada en het Belgische Oostende. Ook de WK in Portugal staat op zijn lijstje en de Paralympische Spelen in Tokio zijn uiteraard het hoofddoel. ‘Al deze wedstrijden zijn een testcase voor de Spelen volgend jaar. De kwalificatie eisen voor Tokio worden pas later bekend gemaakt. Wel zijn er meerdere mannen – en vrouwenplekken dus ik ga ervanuit dat we er bij zijn.’