Voetbalvereniging EDO zit nog steeds in ‘verhuissoap’

Voetbal Robert Jan van der Horst

Onbevangen voetballen? Dat is nog niet aan de orde voor de Utrechtse zaterdagvereniging EDO, opgericht op 15 februari 1921. Het is namelijk nog niet altijd ‘niet rustig’, volgens clubvoorzitter Frits de Ru, op sportcomplex Overvecht-Noord waar begin augustus ook de profs van FC Utrecht hun intrek namen. ‘Ik denk dat de gemeente er veel te lichtvaardig over heeft gedacht, de zaak onderschat heeft. Zo van, dat doen we wel even. We willen dat de rust terugkeert.’ 

De op handen zijnde verhuizing van FC Utrecht, noodzakelijk wegens ruimtegebrek op het eigen trainingscomplex Zoudenbalch achter stadion Galgenwaard, was lang ‘een staatsgeheim’, weet De Ru. ‘Dan praten we over medio 2018. In eerste instantie werd er gesproken over een tweede partij die op ons complex z’n intrek zou nemen. Op enig moment werd duidelijk dat het om FC Utrecht zou gaan. Daar hadden we geen moeite mee. Goed voor de uitstraling van het complex en onze club. Maar nog later kwam er een derde partij bij: Utrechtse Rashonden Vereniging (URV).’

 

Bouwput

De Ru kijkt terug op een hectische periode, waaraan dus nog geen eind is gekomen. Op het complex is deze zaterdag een toernooi voor de lagere elftallen aan de gang, de parkeerplaatsen zijn alle bezet. Hopen zand, bouwmaterialen en een open zandvlakte maken een rommelige indruk ‘Dat komt omdat nog niet alles af is, maar daar moet je doorheen kijken’, zegt De Ru. ‘Ik heb er vertrouwen in dat het er mooi uitziet als het klaar is.’

Tevreden is hij over het nieuwe hoofdveld, betaald door FC Utrecht, waar zojuist de laatste stroken kunstgras zijn gelegd. ‘De mensen van de gemeente die hier werken doen er alles aan om de zaken in orde te maken, niets dan lof hiervoor.’ Maar wat nog niet in orde is, is de verlichting. ‘Vleermuizen’. Uit de mond van De Ru klinkt het alsof we aan een half woord genoeg hebben.

Dan toch: ‘Er moet eerst een flora -en faunaonderzoek uitgevoerd worden. Dat moet uitwijzen of er inderdaad sprake is van vleermuizen hier in de omgeving. En zo ja, of die alleen te komen om te foerageren of om zich te nestelen. Kunstverlichting kan die beesten verstoren, vandaar. Verder is nog de vraag wie voor de kosten van de verlichting opdraait.’ En die zandvlakte, met daar omheen de eerder genoemde parkeerplaatsen? ‘Dat noemen wij ‘de kooi’, maar vraag me niet waar die naam vandaan komt. Het is een trainingsveld, maar dat heeft niet de afmetingen van een wedstrijdveld. Dar hebben we op de zaterdag dus niets aan.’

 

Beleidsvisie

Drie speelvelden heeft EDO nodig om de veertien seniorenteams hun wedstrijden te kunnen laten afwerken en te kunnen groeien, zoals is vastgelegd in een beleidsvisie die enkele jaren eerder is geschreven. Maar door de komst van de rashondenvereniging moet EDO genoegen nemen met twee velden, althans dat was het plan van de gemeente eerder dit jaar. Na ingrijpen door sportwethouden Van Ooijen echter is dit teruggedraaid.

Tot woede van de hondenvereniging. Die was, nadat in de zomer van 2020 een eerdere verhuizing vanaf de Zuilenselaan op het laatste moment was afgeblazen al driftig aan het renoveren geslagen en plaatste onder meer een nieuwe keuken in het voormalige, inmiddels verlaten, clubhuis van HMS. Maar helaas, ook anno 2021 is er een streep gezet door de verplaatsing van Zuilen naar Overvecht. ‘URV is woest’, aldus De Ru. ‘En daar kan ik me wel iets bij voorstellen.’

Vandaar dat EDO op deze toernooidag drie velden tot z’n beschikking heeft, de gewenste situatie. En het voormalige hoofdveld van HMS (het derde veld van EDO) ligt er als een biljartlaken bij. ‘Honden kunnen toch ook wel met een minder goed veld toe’, bromt De Ru. Het tekent de licht verstoorde verhoudingen aan de Manitobadreef. FC Utrecht, dat door hekken is afgeschermd van de overige clubs, speelt hierin geen rol, benadrukt De Ru. Ondanks het feit dat EDO en de eredivisieclub eerder dit jaar tegenover elkaar stonden voor de voorzieningenrechter. Een geding waarin EDO overigens grotendeels in het ongelijk werd gesteld.

 

Rekenmodellen

In de bestuurskamer van het eigen, knusse clubhuis raakt een aantal verenigingsmensen, goed voor bijna 200 jaar bestuurservaring, niet uitgesproken over de houding van de gemeente. Die is verantwoordelijk over de nieuwe indeling van het complex. Dat de ambtenaren op enig moment aan de Utrechtse Christelijke Sportvereniging Eendracht Doet Overwinnen – dat principieel op zaterdag speelt – voorstelde dan maar eventueel uit te wijken naar de zondag, zorgt nog steeds voor de nodige hilariteit. ‘Dan voel je je als vereniging niet serieus genomen’, klinkt het eenstemmig.

Foutief gehanteerde rekenmodellen, dat is waar EDO en URV de laatste drie jaar tegenaan gelopen zijn. Zo dacht de gemeente aanvankelijk dat EDO vijf seniorenteams had, maar dat bleken er veertien te zijn. ‘En we zouden nog verder kunnen groeien’, aldus De Ru. ‘We zijn kerngezond, hebben 423 leden (inclusief vijf zaalteams), voldoen ruimschoots aan de eisen voor een vitale club en hebben een beleidsplan. We hopen achter één van de goals van het hoofdveld zelfs een tweede ring met reclameborden te kunnen plaatsen. Maar je kunt zelf zien dat alle parkeerplaatsen nu al zijn bezet. Daar kan niet nog eens een vereniging (URV, red.) bijkomen van 300 leden. Leden die bovendien voor het overgrote deel met de auto komen.‘

 

Winterstop

Terugkijkend wil De Ru eigenlijk niet teveel woorden meer vuil maken aan deze ‘verhuissoap’. Eén ding wil hij wel kwijt: ‘Ik denk dat de gemeente er veel te lichtvaardig over heeft gedacht, de zaak onderschat heeft. Zo van, dat doen we wel even.’

Het wachten is nu op de uitkomst van flora- en fauna-onderzoek, dat op korte termijn wordt verwacht. Tot aan de winterstop kan EDO in elk geval beschikken over drie velden. Het zal nog een hele puzzel worden voor verantwoordelijk sportwethouder Maarten van Ooijen om tot een voor alle partijen aanvaardbare oplossing te komen.

Tot die tijd echter kijkt De Ru liever vooruit. ‘We gaan op 15 februari 2022 alsnog ons 100-jarig bestaan vieren, tenminste als dat kan van overheidswege. Dat is dit jaar door de coronamaatregelen niet gelukt, maar ik hoop dat we die schade kunnen inhalen.’