Vooral een doener binnen het kegelen

Kegelen Robert Jan van der Horst

Hij is meer een doener dan een prater. Tenminste, dat zegt Hennie van Beuningen (78) zelf. Hij houdt van aanpakken en daar vaart en voer de Utrechtse kegelsport wel bij.  Het leverde hem, naast veel dank uiteraard, het erelidmaatschap van de UKB op.

Liefst vijftien jaar was Van Beuningen bestuurslid van de Utrechtse Kegel Bond (UKB), waarvan twaalf jaar als penningmeester. ‘Maar dat is niet altijd een leuke klus geweest. Gaandeweg vielen de subsidies weg, kregen we te maken met huurverhogingen en kregen we steeds minder leden. Dat laatste betekent dan weer dat de contributies stegen. En ik heb twee verhuizingen meegemaakt. Dat heeft natuurlijk ook wel wat voeten in de aarde gehad.’

Eerst verliet de UKB de vertrouwde stek aan de Mariaplaats, waar op zeven banen werd gespeeld, vervolgens was Sporthal Zuilen aan de Norbruislaan (vier banen) het onderkomen en sinds een aantal jaren is de kegelbond gehuisvest in Sporthal Nieuw Zuilen, grofweg aan de Utrechtse kant van de Zuilenselaan gelegen. In het fraaie onderkomen aldaar liggen zes banen. ‘Genoeg om belangrijke, landelijke wedstrijden op te spelen. Dat was in sporthal Zuilen niet mogelijk.’

Het was in 1980 dat Van Beuningen door een kennis voor het eerst werd meegenomen naar het kegelen. ‘Daarvoor zei het me niet zoveel, als ik eerlijk moet zijn, maar toen ik er eenmaal was, vond ik het direct leuk. Ik heb ook wel op een redelijk niveau gespeeld. We gooiden wedstrijden van Roermond tot Groningen. Vroeger gingen we voor wedstrijden buiten de deur met z’n tienen op pad. Nu zijn dat, door het teruglopende ledental, vijftallen geworden.’

 

Sociale aspect

Zelf speelt hij op maandagavond in Nieuw Zuilen, het onderkomen van de UKB, bij vereniging Vrije Touwetje. ‘Nee, die naam is geen kegeluitdrukking. Het is een fusieclub ontstaan uit de verenigingen De Vrijbuiters en Touwetje, geen tikfout, een samentrekking dus. We hebben elf leden. Zo zijn er nog zeven clubs in Utrecht, in Groenekan bestaat Duim In ‘t Gat en in Lopik telt kegelclub Wieleroord zo’n veertig leden. Om jaloers op te zijn.

Ondanks mijn leeftijd wil je natuurlijk zo goed mogelijk gooien. Daarvoor moet je je goed kunnen concentreren. Er wordt echt wel wat van je gevraagd. Maar daarna is het reuze-gezellig met een hapje en een drankje. Het sociale aspect is belangrijker geworden en dat is nu voor mij de kracht van het kegelen.’

De acht Utrechtse verenigingen huren de banen van de UKB in sporthal Nieuw Zuilen. En ook al is VUT-er Van Beuningen – hij werkte 35 jaar als opzichter voor de Bouw en Woningdienst Utrecht – dan geen bestuurslid meer voor de UKB, hij heeft zijn handen nog vol. ‘Ik ben sinds kort lid van de technische commissie en dat betekent dat we elke maandagochtend bij elkaar komen, twee mannen en één vrouw. Dan doen we schoonmaakwerk en voeren we kleine onderhoudswerkzaamheden uit aan de apparatuur. Verder loop ik nog wel een paar keer per week even binnen. Bijvoorbeeld om de frisdrankautomaat bij te vullen.’

Maar dat is niet alles. Van Beuningen is ook nog vrijwilliger voor de KWF Kankerbestrijding. ‘Ik ben al een aantal jaren wijkhoofd. Dat betekent onder meer dat ik zorg dat er genoeg collectanten zijn voor de collecteweek. Die is dit jaar van 3 tot en met 9 september. Ook deed ik nog iets voor de Nierstichting, maar daar ben ik mee gestopt.’

 

Bestaansrecht

Op 16 september bestaat de UKB 110 jaar. Voor Van Beuningen is het geen vraag of de Bond na die mijlpaal nog lang bestaansrecht heeft. ‘Natuurlijk. We moeten onze schouders er onder zetten om leden binnen te halen. Hoe? Weer bedrijfscompetities organiseren. Dat was in het verleden een groot succes. Er zijn altijd een man/vrouw of vijf per organisatie te vinden die mee willen doen. Dat heeft ons in het verleden best wat leden opgeleverd’, weet de vitale Van Beuningen. ‘En daar wil ik mijn schouders wel onder zetten.’

Een echte doener dus.