Vrouwen IJFC zien niet om in wrok

Voetbal Danny van der Linden

In de zomer van 2015 baarden de vrouwen van VVIJ opzien door met het hele team over te stappen naar IJFC. Aanleiding was het besluit van het VVIJ-bestuur om het elftal van Marcel van den IJssel niet meer op zaterdag te laten spelen. Een overplaatsing naar de zondagcompetitie zou betekenen dat het talentvolle vrouwenelftal twee niveaus lager zou moeten spelen.

Na lang wikken en wegen, werd besloten tot een verhuizing naar IJFC dat nota bene op het zelfde sportpark in IJsselstein speelt. Een aantal betrokkenen blikken terug op die roerige periode.

‘De situatie die ontstond was niet alleen het bestuur van VVIJ aan te rekenen’, vertelt trainer Van den IJssel. ‘Er is gesproken om de vrouwenafdeling in fases over te laten gaan naar de zondag, maar we merkten dat er binnen de club niet bij iedereen bereidheid was om daaraan mee te werken. Een ander probleem lag bij de KNVB. Wij wilden niet ineens een stuk lager gaan voetballen, maar de voetbalblond bleek onvermurwbaar. Hierdoor werden wij met het probleem opgezadeld.’

Hoewel de gesprekken al langer gaande zijn en Van den IJssel graag bij het team wil blijven, besluit hij toch op te stappen bij de club. Terugkijkend: ‘Er werden bepaalde dingen gezegd door mensen die niet klopten. Mijn integriteit was in het geding. Maar ik bleef me wel heel betrokken bij het team voelen.’

‘Het was geen leuke periode’, benadrukt IJFC-aanvoerster Shamarah Lemmers. ‘Uiteindelijk wil je gewoon lekker voetballen bij je club en op het niveau dat bij je past. Toen dat onmogelijk bleek, zijn we om ons heen gaan kijken of het mogelijk was om bij een andere club verder te gaan. We hebben met een aantal clubs in de buurt gesproken.’

Uiteindelijk werd het IJFC, dat curieus genoeg naast VVIJ op sportpark Groenvliet speelt. Dat Van den IJssel mee ging stond destijds niet vast. ‘Ik heb het team gezegd: ga met elkaar in gesprek. Bepaal wat jullie willen. Als jullie er voor kiezen om met mij de stap naar een andere club te nemen, dan zal ik er vol voor gaan.’

In die periode werd de oefenmeester ook door andere clubs gebeld. ‘Die heb ik in de wacht gezet. Ik wilde eerst de beslissing van deze meiden afwachten.’ Al snel werd duidelijk dat er mogelijkheden bestonden bij IJFC en dat het team, inclusief trainer, de overgang zou maken. Wel werd nog de beker gewonnen in de clubkleuren van VVIJ. Als toeschouwer wordt Van den IJssel door de ploeg extra in het zonnetje gezet. ‘Dat voelde erg goed’, erkent hij.

Laura Gaasenbeek is één van de speelsters die het hele proces mee heeft gemaakt. ‘Ik heb geen negatieve gevoelens richting VVIJ. Natuurlijk is het jammer hoe dingen gelopen zijn, maar ik heb daar jarenlang met veel plezier gevoetbald.’

Inmiddels speelt het team nu anderhalf jaar in de blauw-witte clubkleuren van IJFC. ‘Dat voelde meteen erg goed. We kregen direct heel erg het gevoel welkom te zijn bij de club. Het bestuur dacht ook meteen met ons mee.’

Ook trainer Van den IJssel merkt dat op. ‘Het feit dat IJFC meteen in zee wilde gaan met een betaalde trainer zegt natuurlijk veel. Bovendien had de club net een nieuw kunstgrasveld aangelegd, dus extra leden waren van harte welkom. Dit bleek een hele goede deal voor alle partijen.’

In eerste instantie zou de ploeg op een lager niveau uitkomen, maar doordat er plek ontstond besloot de KNVB IJFC vrouwen 1 in te delen in de Tweede Klasse. In die klasse werd het team meteen kampioen. Vanzelfsprekend was dit niet. Lemmers: ‘We wonnen de meeste wedstrijden wel, maar meestal niet met grote cijfers. In de Tweede Klasse wordt gewoon heel goed gevoetbald en anders dan wij gewend waren.’

Toch promoveerden de IJsselsteinse vrouwen en nu spelen ze weer op het niveau waar ze in thuis horen, de Eerste Klasse. ‘En het leuke is dat er veel mensen van VVIJ komen kijken bij onze wedstrijden. Zo zie je maar dat de contacten nog steeds prima zijn’, vertelt Lemmers.

IJFC blijkt een warme club te zijn. Gaassenbeek: ‘Deze club is kleiner dan VVIJ, maar daardoor word je ook meer gewaardeerd als je iets doet voor de club. Het is ook heel leuk om de betrokkenheid onder elkaar te ervaren. Als wij voetballen en de mannen hebben hun wedstrijd al gespeeld, dan zie je dat ze vaak bij ons aan de zijlijn staan. Natuurlijk gaan wij ook bij hen kijken. Zo ontstaat er een onderlinge band.’

Van spijt is dus absoluut geen sprake. Ook Van den IJssel heeft het bij IJFC uitstekend naar zijn zin. Hij koestert geen wrok tegen VVIJ: ‘Helemaal niet. Mijn dochter voetbalt nog steeds bij VVIJ en ik train ook haar team met veel plezier.’


Gaat dit artikel over jouw club of bekende en wil je het artikel voor jezelf bewaren of geven aan familie, vrienden, kennissen en buren? Bestel deze editie!