Vuelta start op 20 oktober zonder Utrecht, Breda en Den Bosch

Wielrennen Redactie

Geen Utrecht, geen Breda en geen Den Bosch. Maar verder is alles nog hetzelfde wanneer op 20 oktober het startschot valt voor de Vuelta a España 2020. Nou ja hetzelfde? De data zijn veranderd en de eerste drie dagen van het oorspronkelijke etappeschema zijn er afgehakt. Maar de beklimmingen zijn er nog en de finish is nog altijd in Madrid, zij het nu op 8 november.

In de provincies Utrecht en Noord-Brabant zal op 20 oktober zeker even stilgestaan worden bij de eerste beelden van het laatste grote wielerevenement van dit jaar. Met als middelpunt op de openingsdag het grensstadje Irun in Baskenland en niet de Domstad, die aanvankelijk op 14 augustus gastheer zou zijn van het Spaanse circus.

Voor een traantje wegpinken is het nog te vroeg, de organisatie van La Vuelta Holanda krijgt een herkansing. Het hele Nederlandse project mag van de Vuelta-bazen worden doorgeschoven naar 2022. Behalve mogelijke zorgen over de financiële dekking – blijven alle partijen bereid hun toegezegde bijdrage te leveren? – zullen er logistiek gezien ook de nodige hobbels genomen moeten worden. Het verkrijgen van vergunningen zal niet zo’n probleem zijn, wel misschien reeds geplande activiteiten in de in totaal 34 betrokken gemeenten.

Volgens de plannen in het pre-coronatijdperk had deze maand begonnen moeten worden met allerlei (culturele) randactiviteiten, die de burger in de juiste stemming zouden brengen voor de drie dagen durende climax half augustus. In hoeverre de infrastructuur aangepast zal moeten worden voor 2022 zal nader onderzocht moeten worden. Het zijn veel vragen waarvoor La Vuelta Holanda staat en in het voorjaar van 2021 zal daarop een antwoord moeten zijn. En dan gaan we er gemakshalve maar vanuit dat het dagelijkse leven weer hetzelfde zal zijn als voor de corona-pandemie.

 

Het monster Angliru

Onder de wielerliefhebbers zal het enthousiasme niet afnemen. Voor hen een paar tips, mocht de Vuelta 2020 daadwerkelijk van start gaan. Voor honderd procent zeker is dat allerminst in het door het virus zo zwaar getroffen Spanje.

Meteen al in de eerste week moet er flink geklommen worden. Het begint al op de openingsdag wanneer vanuit Irun gereden wordt naar de finish bij het heiligdom van Arate. Het laatste stuk is een slotklim van bijna tien procent. In de zesde etappe trekt het peloton de Pyreneeën over om in Frankrijk de Aubisque te bedwingen, de berg waar in 1951 Wim van Est vanaf tuimelde maar zijn horloge bleef lopen. De finish is die dag op nog zo’n reus, de Tourmalet.

De twaalfde etappe mag de koninginnenrit genoemd worden met de finish op de Angliru, het monster van Asturië. Drie kilometer onder de top krijgen de renners een stijgingspercentage van ruim 23 procent voor de kiezen en zelfs de beste klimmers zullen daar hun gebruikelijke verwensingen niet binnen kunnen houden. Zelfs in de voorlaatste etappe zal er nog geklommen moeten worden, de finale is in het skiresort La Covatilla.