Wilco

Column Pim van Esschoten 'Eindsignaal'

Kort voor half zes op deze tropische zondag werd het me te gortig. Eerst al die slopende strafschoppenserie in Galgenwaard en toen leek de voorsprong van Tom Dumoulin op Quintana ineens geslonken tot slechts drie tellen...

Pim van Esschoten

Het bleek een foutje van de Italiaanse televisie. Er brak iets in mij, er vloog iets door de kamer. De poes vloog de tuin in en heeft zich sindsdien niet meer laten zien.

Wat een apotheose, tussen Monza en Milaan. In de afgelopen week waren temperatuur en zenuwen steeds verder opgelopen. Vaak dacht je dat Dumoulin zou breken, even vaak vocht hij zich terug. Niet alleen de benen van de Limburger waren super, z’n tandvlees ook. En ergens zat daar ook de kracht van FC Utrecht, gisteren. Waar je dacht dat de ploeg was gebroken na donderdag, veerde het op zondag weer op met een fraaie inhaalrace.

Het feest rond het Domplein was mooi, dat op de stoep van de Duomo net even mooier. Juist de spanning in de Giro d’Italia drie lange, intense weken duurde. Een sneeuwwand, een lekke band, een verkeerspaaltje, een bidon op het asfalt, een overstekende hond; ik zag overal iets dat roet in het eten kon gooien. En als op het randje van de instorting zo’n rare kwibus van de RAI nog even in de fout gaat…

Ach, wat stelt het voor. De spanning was veel erger voor die ene renner die Dumoulin steeds bijstond. Ik zag hoe hij in allerlei gaatjes dook om de schade te herstellen, hoe hij steeds met twee koude bidons van de ploegwagen naar zijn kopman reed, hem uit de wind hield en door de moeilijke momenten sleurde. Ik zag zelfs hoe hij – achter zijn kopman – ook de berm indook met een rol wc-papier. Voor een goeie knecht is immers niets te gek.

Maar wat ik zag was er niet. Wilco Kelderman viel twee weken geleden al uit met een gebroken vinger na die onhandige manoeuvre van een motorrijder. Zou Wilco van De Volharding überhaupt hebben gekeken na thuiskomst? Thuiszitten met superbenen en niks kunnen doen behalve toezien hoe de Nabali’s en Quintana’s jouw kopman berg na berg uitroken en kapot fietsen; dat is onmenselijk.

Op het podium in Milaan laaft Dumoulin zich aan de champagne, danst op de tonen van Jump! (Van Halen) en betrekt zijn ploegmaats in de vreugde.

Ik loop de tuin in, schud met een bakje met kattenbrokjes, maar de poes reageert niet.

In Milaan is niets van Kelderman te zien.